Mag de libero aanvoerder zijn? Zo zit die regel nu | Koach
Open de app
Kennisbank · Spelregels

Mag de libero aanvoerder zijn? Zo zit die regel nu

Je meest ervaren speler is je libero, staat vrijwel de hele wedstrijd in het veld en praat als enige rustig met de scheidsrechter. Logische aanvoerder, zou je zeggen. Jarenlang mocht het niet; inmiddels wel — met één praktische haak waar teams overheen kijken.

Leestijd: 5 min

Twee aanvoerders: op papier en in het veld

Volleybal kent twee soorten aanvoerder, en dat verschil is de basis van deze hele regel:

Zolang de teamaanvoerder in het veld staat, is hij ook spelaanvoerder. Zodra hij eruit gaat — gewisseld, of als achterspeler vervangen door de libero — moet er iemand anders worden aangewezen. Die blijft spelaanvoerder tot de teamaanvoerder terugkomt.

Wat er veranderde

In de oudere FIVB-spelregels stond het expliciet in artikel 19.1.3: de libero mocht geen teamaanvoerder en geen spelaanvoerder zijn. De redenering was praktisch: de libero verlaat het veld voortdurend, en een aanvoerder die om de haverklap verdwijnt, maakt de communicatie met de scheidsrechter rommelig.

Bij de regelherziening van 2021 is die bepaling geschrapt. In de huidige FIVB-spelregels — die de Nevobo vrijwel één-op-één overneemt — mag de libero dus wél aanvoerder zijn, zowel op het formulier als in het veld. Speel je in een competitie die met een ouder reglement werkt (dat komt bij sommige recreanten- en bedrijfscompetities voor), controleer dan het reglement van die bond; alleen dáár kan het verbod nog gelden.

Spelerslijst met de selectie, rugnummers en rollen per speler
Wie aanvoerder is en wie het overneemt als hij van het veld gaat: één keer vastleggen scheelt discussie op zaterdag.

Heb je de keuze eenmaal gemaakt, dan markeer je je aanvoerder — en een reserve-aanvoerder — in je selectie in Koach, zodat het voor iedereen vastligt wie er namens het team spreekt.

De valkuil: de libero wisselt constant

De regel is versoepeld, de praktijk niet. Een libero komt er telkens uit zodra de speler die hij vervangt naar positie 1 draait en moet serveren — zie de liberowisselregels. Op dat moment staat je aanvoerder buiten het veld en heb je géén spelaanvoerder, precies in de rotatie waarin je zelf serveert en waarin discussies over de servicevolgorde ontstaan.

Kies je toch voor je libero als aanvoerder, wijs dan vooraf een vaste vervanger aan die het rolletje elke keer overneemt — niet ad hoc de dichtstbijzijnde speler. Dat scheelt een scheidsrechter die niet weet wie hij moet aankijken, en het scheelt je libero het gevoel dat hij vanaf de zijlijn moet blijven meepraten. Dat mag namelijk niet: buiten het veld is hij een gewone speler.

Wat de aanvoerder eigenlijk mag

Veel teams overschatten de rol. De spelaanvoerder mag:

Wat hij níet mag: doorpraten over elke beslissing. Blijven aandringen levert eerst een waarschuwing op en daarna een kaart. Welke gebaren de scheidsrechter daarbij gebruikt, staat in scheidsrechtergebaren uitgelegd.

Hoe je het vastlegt op het wedstrijdformulier

De teamaanvoerder wordt vóór de wedstrijd op het wedstrijdformulier aangegeven met een hoofdletter C achter zijn rugnummer; de opgegeven spelers zonder die aanduiding zijn dat niet. Wijzig je van aanvoerder tussen twee sets, dan geef je dat door aan de tweede scheidsrechter, die het noteert. Een aanvoerder die tijdens de wedstrijd uitvalt of wordt verwijderd, wordt vervangen door een speler die de coach aanwijst — ook dat gaat via de scheidsrechter en niet onderling. In de Nederlandse competitie loopt die administratie via het digitale wedstrijdformulier, en juist daar valt een libero met een C achter zijn naam op: reglementair klopt het, maar reken erop dat een scheidsrechter er een keer naar vraagt.

Is de libero een goede keus?

Reglementair mag het, maar het is zelden de handigste keuze. De libero staat het vaakst in het veld — mooi — maar mist juist de servicebeurten van zijn eigen team en is als verdedigingsspecialist het minst betrokken bij de aanvalskeuzes waar je aanvoerder normaal in meedenkt. Wie een aanvoerder zoekt die de wedstrijd stuurt, kijkt vaker naar de spelverdeler; wie iemand zoekt die het team overeind houdt, kijkt naar karakter. Hoe je die afweging maakt, staat in een aanvoerder kiezen. Alle overige liberoregels — wisselen, shirt, wat hij aan het net mag — vind je in de liberoregels.

Veelgestelde vragen

Mag de libero teamaanvoerder zijn?

In de huidige FIVB-spelregels wel: het oude verbod uit artikel 19.1.3 is bij de herziening van 2021 geschrapt. De Nevobo volgt die regels, dus in de Nederlandse competitie mag het. Werkt jouw competitie met een ouder reglement, controleer dat dan apart.

Wie is spelaanvoerder als de libero eruit wisselt?

Een andere speler in het veld, die vooraf door de coach of teamaanvoerder is aangewezen. Zolang de aanvoerder buiten het veld staat, is die vervanger de enige die met de scheidsrechter mag praten.

Mag de aanvoerder over elke beslissing in discussie?

Nee. Hij mag om uitleg vragen over de toepassing of interpretatie van een regel, maar niet protesteren tegen beoordelingsbeslissingen zoals een gedragen bal of een lijnbeslissing. Blijven aandringen leidt tot een waarschuwing en daarna een kaart.

Probeer het zelf in Koach

Minder administratie, meer coachen — vanaf je eerstvolgende training.

Start met Koach