Mag je de bal met je voet spelen in volleybal?
Een bal ketst weg van het blok, een verdediger komt niet meer met zijn armen en steekt zijn voet uit. De bal gaat omhoog, het team maakt de rally af, en op de tribune ontstaat discussie. Toch is er geen enkele twijfel: dit mag al ruim dertig jaar.
De regel: elk lichaamsdeel
De spelregel (9.2.1) is even kort als volledig: de bal mag elk lichaamsdeel raken. Voet, scheen, knie, borst, hoofd, rug — alles telt als een geldig balcontact. Er is geen ondergrens en geen uitzondering voor bepaalde delen van het lichaam.
Dat is niet altijd zo geweest. Tot de regelwijziging van 1995 mocht de bal alleen boven de gordel worden gespeeld; alles daaronder was fout. De FIVB heeft die grens geschrapt om het spel spectaculairder te maken en meer rally's in leven te houden — met als bijeffect de voetreddingen die je tegenwoordig in elke topwedstrijd ziet.
Wat er wél blijft gelden
Dat je met je voet mag spelen, betekent niet dat de andere balbehandelingsregels vervallen:
- De bal moet worden geslagen, niet gevangen of begeleid. Een bal die op de wreef tot rust komt en van daaraf omhoog wordt gewipt, is een gedragen bal. In de praktijk komt dat bij een voetcontact zelden voor — een voet dempt nu eenmaal slecht.
- Het telt als een van je drie contacten. Een voetredding is geen bonus: is het je derde contact, dan moet de bal over het net.
- De dubbele-raakregel geldt gewoon. Raakt de bal je voet en direct daarna je hand, dan is dat bij het eerste teamcontact toegestaan — als het één actie is — maar bij het tweede of derde contact niet. Alle nuances staan in dubbele raak en technische fouten.
- Alle overige regels blijven overeind. Netfout, positiefout, achterspelerregels: een spectaculaire voetredding maakt geen van die regels ongedaan.
De uitzondering: de service
Er is precies één plek waar het lichaamsdeel wél is voorgeschreven. Bij de opslag moet de bal worden geslagen met één hand of met een willekeurig deel van de arm (regel 12.4.2). Serveren met je voet, je hoofd of je schouder mag dus niet — dat is een servicefout. Ook het slaan met twee handen tegelijk is bij de service niet toegestaan.

Een redding met de voet telt gewoon als een van je drie contacten, en in Koach leg je vast welke speler de rally uiteindelijk afmaakte — hoe rommelig hij er ook uitzag.
Wanneer een voetcontact zinvol is
Reglementair mag het altijd; praktisch is het bijna nooit de eerste keuze. Een voet geeft weinig controle en een onvoorspelbare richting. De drie situaties waarin het wél loont:
- De afgeketste blokbal. Een bal die schuin van het blok wegspringt en te laag is voor de armen, is met een uitgestoken voet vaak nog omhoog te krijgen.
- De doorgeschoten bal langs het net. Bij een rush naar voren komt de voet er eerder dan de handen.
- De bal die achter je landt. Wie zich al heeft omgedraaid, heeft met een hakje meer kans dan met een halve draai.
Wat het níet vervangt, is een goede verdedigingshouding: laag staan, gewicht naar voren, armen klaar. De techniek daarvan staat in verdedigen en duiken.
Zo train je het (en zo niet)
Voetreddingen train je niet als techniek, maar als gewoonte om door te spelen. De meeste ballen worden niet gemist omdat een speler ze niet kon halen, maar omdat hij al stopte. Bouw daarom oefeningen waarin de bal pas dood is als hij de vloer raakt: partijvormen zonder fluit, verdedigingsvormen waarin de coach expres onmogelijke ballen ingooit, en vooral een teamcultuur waarin een mislukte voetpoging applaus krijgt in plaats van gelach.
Wat je wél specifiek kunt oefenen, is de tweede bal na een voetredding. Die komt onvoorspelbaar en meestal buiten het veld; spreek af dat de dichtstbijzijnde speler hem hoog en veilig omhoog speelt in plaats van meteen te willen aanvallen — precies het gedrag dat je beschrijft in out of system spelen.
Eén waarschuwing hoort erbij: een uitgestoken been op kniehoogte is voor een medespeler die tegelijk naar dezelfde bal duikt een reëel blessurerisico. Spreek daarom af dat wie zijn voet gebruikt dat hardop aankondigt, net zoals bij elke andere bal.
Jeugd, CMV en beach
De regel is voor alle leeftijden identiek: vanaf de C-jeugd geldt dat elk lichaamsdeel de bal mag raken. Bij CMV-volleybal is de vraag op de laagste niveaus niet relevant, omdat de bal daar wordt gevangen en geworpen volgens de niveauregels. In het beachvolleybal geldt dezelfde bepaling: ook daar mag elk lichaamsdeel de bal spelen.
Veelgestelde vragen
Mag je de bal met je voet spelen in volleybal?
Ja. De bal mag elk lichaamsdeel raken, inclusief voet, scheen, knie en hoofd. Die regel geldt sinds 1995; daarvoor mocht de bal alleen boven de gordel worden gespeeld.
Telt een voetcontact als een van de drie balcontacten?
Ja, gewoon als volwaardig teamcontact. Is het je derde contact, dan moet de bal over het net. Een voetredding levert dus geen extra aanraking op.
Mag je met je voet serveren?
Nee. Bij de service moet de bal worden geslagen met één hand of met een deel van de arm. Serveren met de voet, het hoofd of twee handen tegelijk is een servicefout.
Kan een bal met de voet ook 'gedragen' zijn?
In theorie wel: ook bij een voetcontact moet de bal geslagen worden en niet begeleid. In de praktijk komt dat nauwelijks voor, omdat een voet de bal slecht dempt.
Probeer het zelf in Koach
Minder administratie, meer coachen — vanaf je eerstvolgende training.
Start met Koach

