Het 6-2 systeem in volleybal uitgelegd | Koach Volleyball
Start 14 dagen gratis
Kennisbank · Opstelling & rotatie

Het 6-2 systeem in volleybal: twee spelverdelers, drie aanvallers

Het 6-2 is het systeem voor teams die méér willen dan overleven. Twee spelverdelers, maar ze zetten alleen op vanuit de achterhoek — zodat je voorin altijd drie aanvallers hebt. Meer vuurkracht, in ruil voor een pittigere rotatie.

Leestijd: 5 min

Hoe het werkt: de setter dringt in vanuit achterin

In een 6-2 staan twee spelverdelers diametraal tegenover elkaar, net als in het 4-2. Het verschil: de setter zet alléén op als hij áchterin staat. Vanuit positie 1 dringt hij naar het net in, verdeelt de bal en zakt daarna terug. Wie voorin staat, is gewoon aanvaller. Zo heb je op elk moment drie netaanvallers — één meer dan in een 4-2.

Voor wie is het 6-2?

De prijs is complexiteit. De indringende setter moet op tijd los uit de achterhoek, de pass mag niet naar zijn zone, en bij een slechte pass moet iemand anders de tweede bal nemen. Voor teams die daar nog niet zijn, is het 4-2 de rustigere keuze en het 5-1 de logische volgende stap.

Rollen in de Koach-app bij een systeem met twee spelverdelers: Spelverdeler, Tweede spelverdeler en Libero, met daarboven de knop Alle 6 rotaties
Bij een 6-2 wijs je onder Rollen twee spelverdelers aan. Zet ze tegenover elkaar; wie achterin staat, dringt in en zet op.

6-2 versus 5-1: wat kies je?

Het 5-1 heeft één vaste setter en dus consistentie: dezelfde handen, dezelfde tempo's, de hele wedstrijd. Het 6-2 ruilt die consistentie in voor een extra aanvaller voorin. Heb je één uitgesproken setter? Kies 5-1. Heb je twee setters die allebei kunnen aanvallen? Dan geeft het 6-2 je meer wapens.

Klaarzetten in Koach

Kies in de opstelling (tabblad Team, Opstellingen) bij Systeem voor 6-2 en wijs onder Rollen je Spelverdeler en Tweede spelverdeler aan; die zet je in het veld recht tegenover elkaar. Meer daarover lees je bij twee spelverdelers instellen. De libero hoeft niet in de basis-zes: hij komt bij de start vanzelf in voor de midden achterin en gaat eruit voor hij vooraan zou staan, zodat de app een positiefout met de libero zelf voorkomt. Sla je basisopstelling op als preset, dan staat hij elke wedstrijd met één tik klaar.

Traint je team het 6-2 voor het eerst? Begin met de indringloop zonder bal. Laat de achterste setter tien keer de route van positie 1 naar het net lopen en terug, tot de timing zit. Pas daarna voeg je de pass en de aanval toe.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een 6-2 en een 4-2?

In beide systemen staan twee spelverdelers tegenover elkaar. In een 4-2 zet telkens de setter voorin op; in een 6-2 dringt de setter vanuit achterin in en zet op, zodat je voorin altijd drie aanvallers hebt. Het 6-2 geeft meer aanvalskracht, maar vraagt een betere pass en timing.

Heb ik een libero nodig in een 6-2?

Een libero kan, maar let op: die vervangt de middenaanvallers achterin, terwijl in een 6-2 juist je setter vanuit de achterhoek moet indringen. Veel teams spelen het 6-2 daarom zonder libero, of laten de libero alleen op de niet-setter-middens invallen.

Kan ik in Koach wisselen tussen 5-1, 4-2 en 6-2?

Ja. Op het tabblad Team onder Opstellingen kies je bij Systeem met één tik 5-1, 4-2 of 6-2. Bij 4-2 en 6-2 verschijnt onder Rollen ook Tweede spelverdeler. Bewaar elke variant als opgeslagen opstelling, dan zet je per tegenstander een ander systeem klaar.

Probeer het zelf in Koach

Minder administratie, meer coachen — vanaf je eerstvolgende training.

Start met Koach

Of lees eerst wat de volleybal app voor coaches allemaal doet.