Open de app

Volleybaloefeningen · Blokkeren · Verdediging

Blok en verdedigingsomschakeling

Hier gaat het niet om het blok alleen, maar om alles wat eromheen staat. Het blok sluit, de verdediging zakt in dezelfde beweging mee, en zodra de bal erlangs gaat moet iedereen van rol wisselen. Voor de meeste teams is die omschakeling van verdedigen naar aanvallen de traagste seconde van het hele spel.

10 spelers 11 fases ± 25 min 6 ballen, heel veld met net Gevorderd, vanaf de A-jeugd
M1 M2 L D S1 1 S2 2 3 4

Fase 1 van 11A staat in het verdedigingssysteem, B heeft de bal bij de spelverdeler

Eigen team (M = blokkeerders, L = libero, D = diagonaal, S = spelverdeler) Tegenstander met spelverdeler en aanvallers Bal

Deze animatie komt uit de Koach-app. Daar speel je hem af op eigen snelheid en geef je de spelers je échte spelersnamen.

Openen in de app

Zo verloopt de oefening

Waar train je op

Blok: blok springt, verdedigers dekken het veld erachter, dan snelle omschakeling naar de aanval. Systeem trainen.

Coachpunten

De verdediging gaat pas staan als het blok staat.

Achterspelers die te vroeg kiezen, staan in de hoek die het blok net heeft dichtgezet. Ga in de schaduw van het blok staan, niet ernaast.

De blokkeerder draait open naar het veld, niet naar het net toe.

Wie naar het net toe draait verliest de bal uit het oog en staat met zijn rug naar zijn eigen aanval. Opendraaien gaat altijd langs de kant waar de bal is.

De spelverdeler loopt naar de verdedigde bal, niet naar zijn vaste plek.

In transitie komt de bal zelden waar je hem hebben wilt. Een spelverdeler die op positie 2 of 3 blijft wachten dwingt zijn libero tot een perfecte bal onder druk.

Roep de tegenaanval al terwijl de bal omhoog komt.

Je spelverdeler moet weten wie beschikbaar is voordat hij onder de bal staat. In transitie is dat vaak maar één speler, en die moet zichzelf melden.

Variaties

Makkelijker
De coach gooit de bal naar de aanvaller van de tegenpartij in plaats van te zetten, zodat de aanval steeds van dezelfde plek komt.
Moeilijker
De rally loopt door tot de bal dood is, met vrije aanval aan beide kanten.
Met zes spelers
Drie verdedigers en één blokkeerder tegen een spelverdeler en twee aanvallers; wissel na elke vijf ballen van kant.
Als wedstrijdje
Alleen de omschakeling telt: een afgeronde tegenaanval is twee punten, een verdedigde bal die niet tot een aanval leidt nul. Eerst bij tien.

Volleybaloefeningen

Verder lezen in de kennisbank: van verdediging naar aanval schakelen · perimeter en rotatiedekking uitgelegd · houding en positie van de verdediger

200 oefeningen in je broekzak, met animatie

Gratis proberen