Volleybaloefeningen · Serveren
Serveren op zones — negen aan de lijn
Zes serveerders aan de lijn en drie spelers bij de pylonen aan de overkant: allebei de achterhoeken en het diepe midden. Elke bal krijgt daarmee een adres, en de haler die hem terugstuurt is meteen het bewijs of hij goed lag. Met negen spelers en twee ballen loopt de rij door zonder dat er iemand stilstaat.
Fase 1 van 7Zes serveerders aan de achterlijn; drie halers staan bij de pylonen
Deze animatie komt uit de Koach-app. Daar speel je hem af op eigen snelheid en geef je de spelers je échte spelersnamen.
Openen in de appZo verloopt de oefening
Waar train je op
Servicevorm: alle negen spelers serveren om de beurt op wisselende doelzones; de bal vliegt over het net naar de aangegeven hoek.
- De drie lastigste plekken van het achterveld los van elkaar raken: zone 5, zone 1 en diep in zone 6.
- De richting bepalen met je startpunt en je lichaamshouding, niet met een polsdraai.
- Wachttijd nuttig maken: meekijken waar de bal van je voorganger valt.
Coachpunten
Diep midden is de moeilijkste zone, niet de makkelijkste.
Spelers denken dat het midden veilig is, maar het ligt het verst weg en er staan in een wedstrijd drie spelers omheen. Een bal die daar écht diep valt, is een sterke service.
Voor een hoek verplaats je je startpunt, niet je slag.
Twee meter opschuiven achter de lijn verandert de hoek meer dan welke armbeweging ook. Laat spelers dat eerst uitproberen voordat je aan hun techniek gaat sleutelen.
Wie wacht, kijkt mee met de bal van zijn voorganger.
In een rij van zes serveer je één op de zes ballen. De andere vijf zijn alleen leerzaam als je ziet waar ze landen en waarom.
De haler roept hardop 'raak' of 'naast'.
Vanaf de achterlijn zie je zelf niet precies waar de bal viel. Zonder die terugkoppeling serveert een speler zes keer dezelfde bal zonder het door te hebben.
Variaties
- Makkelijker
- Twee pylonen met een doelzone van drie bij drie meter eromheen. Serveerders die het nog niet halen, beginnen op de 3-meterlijn.
- Moeilijker
- De serveerder werkt de drie zones in vaste volgorde af en begint bij een misser weer bij de eerste.
- Met zes spelers
- Vier serveerders en twee halers met een pylon in elke achterhoek. Halers en serveerders wisselen na elke ronde van rol.
- Als wedstrijdje
- Twee groepen van drie serveerders naast elkaar. Elke zone levert één punt op en telt per ronde maar één keer; wie het eerst op twaalf staat, wint.
Volleybaloefeningen
Verder lezen in de kennisbank: meer balcontacten per speler in een grote groep · welke positie welk nummer heeft · bovenhands serveren opbouwen