Wat er gebeurt op het moment dat je op Wedstrijd afronden tikt, en waarom de app de helft van die cijfers voor het team achterhoudt.
De laatste rally is gespeeld, de handen zijn geschud en ergens onderin de tas ligt een telefoon waar drie sets in staan. Wat daar dan mee gebeurt, is voor de meeste coaches een zwart gat: je tikt op afronden en er verschijnt een scherm. Dennis Boekhout bouwde dat scherm, en heeft er uitgesproken ideeën over welke volleybalstatistieken na de wedstrijd bij wie horen te landen.
Een gesprek over rally’s in plaats van minuten, een aanwezigheidslijst die niemand aanvinkt, en de ene grens die hij in de code hard heeft dichtgezet: een teamlid ziet zijn eigen cijfers en nooit die van een teamgenoot.
“Dan wordt er in één klap een hele wedstrijd omgerekend. Tijdens het spel staat er namelijk nog helemaal geen statistiek. Er staat een rij rally’s: wie scoorde, hoe hij scoorde, wie de fout maakte en welke fout dat was, wie er op dat moment op het veld stonden, wie er serveerde en wat de stand was. Eén regel per bal.
“Bij het afronden gaat die rij door de molen. Eruit komt wat je op het wedstrijdscherm ziet: punten per speler, dezelfde punten nog eens per set, de foutverdeling, de receptiecijfers, de side-out per rotatie, de momentumgolf, de speeltijd en de langste servebeurten. En daarna opent de app dat scherm zelf. Dat is bewust — dat is het moment waarop je er iets mee wilt, niet drie tikken verderop.”
“Nee, en daar heb ik het langst over gedaan. Die lijst wordt afgeleid. Iedereen die tijdens een rally in het veld stond, komt erin: de basiszes van élke set, iedereen die is ingevallen, en de libero. Dat moest ik repareren, want in de eerste versie keek de app naar het veld zoals het er bij de laatste bal uitzag, plus de invallers, plus wie had gescoord. Een libero die geen punt maakt en bij de laatste rally net buiten staat, viel daar dwars doorheen. Die had vier sets gespeeld en stond bij de afwezigen.
“Wat nog steeds schuurt: wie de hele wedstrijd op de bank zat, staat ook bij de afwezigen. Dat is geen aanwezigheidsregistratie, dat is veldtijdregistratie. Ik zeg dat liever hardop dan dat ik doe alsof de lijst twee dingen tegelijk kan.”
“Uit precies twee tikken per punt. Tijdens de wedstrijd wijs ik aan wie scoorde en hoe: aanval, blok of service. Bij een punt tegen wijs ik aan wat er misging — servicefout, aanvalsfout, slechte pass, netfout, te laat. Meer vraag ik niet, want er staat een tegenstander te wachten. Bij het afronden wordt dat het blok Spelersprestaties: per speler het totaal, een balkje dat laat zien waar die punten vandaan komen, en het aantal fouten ernaast.
“Je kunt daar met een schuifbalk per set doorheen. En één ding staat er bewust níet in: punten die je krijgt uit een fout van de tegenstander. Die hebben geen scorer, dus die horen bij niemand. Die staan een blok hoger, bij Punten per type, als teamgetal. Anders telt de spelerslijst nooit op tot de setstand en gaat iedereen zoeken naar een fout die er niet is.”
“Omdat volleybal geen klok heeft. Een set kan in achttien minuten klaar zijn en hij kan er vijfendertig duren, en aan die minuten heeft niemand iets. Ik wil niet weten hoe lang een speler in de zaal was, ik wil weten hoeveel ballen hij heeft meegemaakt terwijl hij op het veld stond. Dat is de eenheid waarin volleybal gespeeld wordt.
“Bij elke rally noteert de app wie er op dat moment in het veld staan. Die momentopnames bij elkaar zijn de speeltijd: het aantal rally’s, en daarnaast in hoeveel sets iemand heeft gestaan. Een speler die pas in set twee binnenkwam krijgt een balk die meteen zichtbaar korter is. Dat gesprek hoef je daarna niet meer te openen met ‘ik heb het gevoel dat’.”
“Dat kan, ik machtig regelmatig iemand die geblesseerd is. Alleen houdt die op zijn eigen telefoon een vereenvoudigde versie bij: de punten en de fouten, niet het veld. En zonder veld is er geen speeltijd, geen servebeurt en geen side-out per rotatie, want die drie worden allemaal uit die veldopnames gerekend.
“Dan laat de app die blokken gewoon weg. Dat vind ik netter dan ze op nul zetten — nul is een cijfer, en een cijfer dat niet gemeten is hoort er niet te staan.”
“Een speler ziet zijn eigen cijfers, en verder niets — dat is expres. De uitslag, de setstanden, de startopstelling, wie er gespeeld hebben: dat is voor iedereen hetzelfde, want dat is de wedstrijd. Maar waar bij mij Spelersprestaties staat, staat bij hem Jouw prestaties, met één rij: die van hemzelf. Zijn receptiegemiddelde ziet hij, dat van zijn teamgenoot niet. Zijn speeltijd ziet hij, die van de rest niet. Zijn langste servebeurt ziet hij, de ranglijst niet.
“En de side-out per rotatie verdwijnt bij hem helemaal van het scherm. Dat is geen spelerscijfer maar een teamdiagnose, daar ga ik als coach mee aan het werk. Mijn wedstrijdnotitie ook, trouwens: onder dat veld staat letterlijk ‘Alleen zichtbaar voor trainers’.”
“Omdat het geen gewone cijfers zijn als je veertien bent. Zet een lijstje in een groepsapp waarop staat wie de meeste fouten maakte, en je hebt een rangorde gemaakt waar je de rest van het seizoen last van hebt. Die vergelijking heb ík nodig om te beslissen wie er start en waar we op gaan trainen. Een speler heeft die niet nodig, die heeft zijn eigen lijn nodig om beter te worden.
“Ik krijg af en toe de vraag of dat niet te beschermend is. Misschien. Maar ik heb het liever te strak dan dat een ouder mij belt omdat het foutenpercentage van zijn kind naast dat van de buurjongen in de app staat. Wat ik er wél uit haal, vertel ik gewoon — alleen aan die speler, in de zaal, met een reden erbij.”
“Beelden, geen lijsten. Onder aan het wedstrijdscherm staat het deelpakket met twee knoppen: Uitslag en Uitblinker. De eerste is het teamverhaal — de stand, de sets, gewonnen of verloren. De tweede is het spelersverhaal: één speler eruit gelicht. Je kunt er ook je eigen teamfoto als achtergrond onder zetten.
“Er zit bewust geen knop die de complete statistiekenlijst in de groepsapp plakt. Wat je deelt is een plaatje dat je eerst zelf hebt gezien voordat je het verstuurt. Dat is een klein verschil met grote gevolgen.”
“Ja, de Player of the Match. Die stemming is alleen voor teamleden, niet voor trainers en niet voor ouders — ik hoor daar niet in mee te praten. De kandidaten zijn precies de aanwezigheidslijst, dus wie gespeeld heeft. Je kunt niet op jezelf stemmen en je stem is definitief; dat staat er ook bij voordat je hem uitbrengt.
“Het venster sluit twee dagen na de wedstrijddatum. Daarna staat de uitslag er, met een kroontje, en telt hij mee op het profiel van die speler. Twee dagen is genoeg om het op zondagavond nog even te doen en kort genoeg om te voorkomen dat er nog een campagne op gang komt.”
“Het eerste wat ik openklap is niet de wedstrijd maar het beginscherm. Daar staat Speeltijd dit seizoen, en die lijst staat omgekeerd gesorteerd: de speler met de minste rally’s staat bovenaan, niet onderaan. De bovenste twee krijgen een klein labeltje mee, ‘eerst starten?’.
“Dat is geen oordeel, dat is een spiegel. Je denkt echt dat je het eerlijk verdeelt, en dan staat er na acht wedstrijden iemand bovenaan van wie je dacht dat hij overal bij was. Eronder staat in hoeveel wedstrijden er gemeten is, want zonder dat getal is een ranglijst een mening.”
“Geen minuten, geen video en geen rapportcijfer. De app zegt nergens dat iemand goed of slecht heeft gespeeld; hij zegt wat er is gebeurd. Dat oordeel is mijn werk, en dat hoort in de zaal thuis en niet in een balkje.
“En er is één ding waar de app je expliciet voor waarschuwt. Heb je live gescoord en ga je daarna de totalen met de hand overschrijven, dan krijg je te lezen dat de gegevens per set daarmee verdwijnen. Dat is precies wat er gebeurt, dus dat moet je weten voordat je op opslaan drukt in plaats van erna.”
Scoor je volgende wedstrijd live mee en kijk wat er op het eindscherm verschijnt: punten per set, speeltijd in rally’s en een team dat alleen zijn eigen cijfers ziet.
Probeer Koach gratis