Ontwikkeling van een speler volgen in het volleybal | Koach
Koach Koach
Interviews
Interview · 13 september 2026

“In mei weet iedereen het. Ik wil het in november al weten”

Dennis Boekhout over de vraag die elke coach halverwege het seizoen stelt: gaat deze speler echt vooruit, of voelt het alleen zo?

Halverwege het seizoen

Ergens in november stelt elke coach zichzelf dezelfde vraag: wordt die ene speler nou echt beter, of lijkt dat maar zo omdat hij zaterdag drie ballen op de grond sloeg? De ontwikkeling van een speler volgen klinkt eenvoudig, maar in de praktijk kleurt de laatste wedstrijd het oordeel over de vorige tien. Dennis Boekhout bouwde in Koach de schermen waarmee hij dat oordeel kan toetsen.

Een gesprek over de vormaanduiding op het spelersprofiel, over de valkuil van een lijn die stijgt omdat de tegenstanders zwakker waren, en over de drie dingen die hij ernaast legt voordat hij er iets over zegt.

De kop boven dit gesprek is: in mei weet iedereen het. Wat bedoel je daarmee?

“Aan het eind van het seizoen is het simpel. Je kijkt terug en je ziet precies wie er gegroeid is, want alles ligt er. Alleen kun je er dan niets meer mee. Het seizoen is voorbij, de spelers gaan uit elkaar en jij houdt een conclusie over die nergens meer heen kan. Ik wil het in november weten, als er nog twintig trainingen te gaan zijn.

“En ja, meestal voel je het ook wel. Maar gevoel is geen meting. Mijn gevoel over een speler is altijd gekleurd door de laatste wedstrijd die ik heb gezien. Iemand slaat er zaterdag drie door en ineens gaat hij lekker, terwijl hij daarvoor vier magere avonden had. Ik wilde iets wat niet meebeweegt met mijn humeur.”

Wat kijk je dan als eerste aan?

“De pagina van de speler zelf. Daar staat een blok met de prestaties over tijd: per gespeelde wedstrijd een balk, opgebouwd uit aanval, blok en service, met het aantal fouten van die wedstrijd ernaast. Je ziet in één blik of het rommelig heen en weer schiet of dat er een richting in zit.

“Daarboven staan twee getallen: het gemiddelde per wedstrijd over het hele seizoen, en de vorm over de laatste drie. Dat tweede getal is voor mij het belangrijkste van het scherm.”

Het blok Prestaties over tijd op een spelersprofiel: de vorm over de laatste drie wedstrijden, het gemiddelde per wedstrijd, en per wedstrijd een balk met punten uit aanval, blok en service, met het aantal fouten ernaast. Daaronder de sterkte-analyse en het trainingsoverzicht.
Drie wedstrijden, drie balken — en rechts het aantal fouten dat erbij hoorde.

Waarom juist dat getal?

“Omdat het een vergelijking met hemzelf is. De vorm over de laatste drie wedstrijden is het verschil tussen die drie en zijn eigen seizoensgemiddelde. Staat er een pijl omhoog met 2,4, dan maakt hij de laatste drie wedstrijden 2,4 punten per wedstrijd meer dan hij dit seizoen gemiddeld deed. Een pijl opzij betekent: precies zijn eigen niveau.

“Dat is bewust geen ranglijst. Ik heb er nooit een tabel van willen maken met de spelers onder elkaar van goed naar slecht. Een speler die van drie naar zes punten per wedstrijd gaat is enorm gegroeid, ook al staat hij nog steeds onderaan. Precies die groei zou in een ranglijst onzichtbaar zijn.”

En als dat pijltje omhoog staat, weet je het?

“Nee. Daar zit de valkuil. Een lijn die omhooggaat kan ook betekenen dat de tegenstanders zwakker waren. Wij hadden een periode met drie wedstrijden op rij tegen de onderkant van de poule. Alle lijnen in mijn team gingen omhoog. Dat was geen groei, dat was de kalender.

“Als ik op zo’n moment tegen een speler zeg dat hij goed bezig is en het zakt daarna weer in, dan heb ik hem twee keer op het verkeerde been gezet. Dus ik zeg er niets over voordat ik er iets naast heb gelegd.”

Wat leg je ernaast?

“Drie dingen, altijd in dezelfde volgorde: de wedstrijd zelf, de training, en wat ik heb opgeschreven. Pas als die drie hetzelfde verhaal vertellen, geloof ik de lijn.”

Te beginnen met de wedstrijd zelf.

“Punten zeggen weinig zonder de omstandigheden erbij. Bij elke gespeelde wedstrijd staat een blok speeltijd: per speler een balk met het aantal rally’s en het aantal sets dat hij op het veld stond. Iemand die van twee sets naar vijf sets gaat, maakt vanzelf meer punten. Dat is meer speeltijd, geen groei.

“En de fouten horen in dezelfde blik. Naast de punten van een wedstrijd staat hoeveel fouten erbij hoorden, en op het profiel staat de foutverdeling: servicefout, slechte pass, netfout. Iemand die meer punten maakt maar ook meer servicefouten slaat, is niet beter geworden. Die neemt meer risico. Dat kan een prima keuze zijn, maar het is iets anders.”

Dan de training.

“Na elke training zet ik de aanwezigheid, en ik tik op de naam van een speler om de inzet te beoordelen, van één tot vijf sterren. Dat kost me twee minuten in de auto. Op het profiel wordt dat een tweede lijn: de trainingsrating naast de punten per wedstrijd.

“Die twee lijnen samen zijn veel eerlijker dan één ervan. Punten die stijgen terwijl de inzet al zes weken zakt, is meestal iemand die op talent teert. Dat houdt een keer op. Andersom komt ook voor: de inzet gaat al twee maanden omhoog en de punten nog niet. Daar zeg ik juist wél iets over, want dat is het begin van groei.”

De aanwezigheidslijst van een training: per speler het rugnummer, de naam, een sterwaardering voor de inzet en drie knoppen voor aanwezig, te laat en afwezig. Onderaan het aantal aanwezigen van het totaal.
Twee minuten werk na de training: een vinkje en een paar sterren. Daar komt de tweede lijn op het profiel vandaan.

En het derde: wat je hebt opgeschreven.

“De notities bij de speler. Elke notitie krijgt een datum en waar hij vandaan komt: training, wedstrijd of gesprek. Drie zinnen, in de auto getikt. Sprongservice wordt stabieler, volgende stap is zone 1 en 5 afwisselen. Dat soort regels.

“Zonder die regels is een grafiek alleen een vorm. Mét die regels weet ik in februari nog wat we in november hadden afgesproken, en kan ik zien of de lijn omhooggaat op precies het punt waar we aan gewerkt hebben. Dat is het verschil tussen ‘je gaat vooruit’ en ‘je serveert sinds januari standaard naar zone 5, en daar komt het vandaan’.”

Het notitieblok bij een speler: drie notities onder elkaar, elk met een datum en de herkomst — training, wedstrijd of gesprek — en onderaan een veld om een notitie toe te voegen.
Een datum en één regel context. Daarmee weet je in februari nog waarom die lijn liep zoals hij liep.

Vergelijk je spelers ook met elkaar?

“Dat kan. In de spelerslijst vink je er twee of meer aan en dan staan ze in één scherm naast elkaar, elk in een eigen kleur, met het rugnummer erbij zodat kleur nooit het enige verschil is. Je ziet de totale punten, de verdeling over aanval, blok en service, het gemiddelde per wedstrijd en de trainingsaanwezigheid.

“Maar ik gebruik het bijna nooit om te bepalen wie beter is. Ik gebruik het om te zien of een dip van één speler is of van het hele team. Zakken twee lijnen tegelijk, dan ligt het niet aan die ene buitenaanvaller maar aan onze pass. Dan wilde ik het verkeerde gesprek voeren.”

Wat zeg je uiteindelijk tegen zo’n speler?

“Ik laat het scherm zien. Niet als bewijsmateriaal, gewoon zodat we naar hetzelfde kijken. Dit is je gemiddelde, dit zijn je laatste drie, en dit is wat ik in november heb opgeschreven. Dat gesprek duurt vijf minuten en is tien keer concreter dan ‘ik heb het gevoel dat je vooruitgaat’.

“Bij veel van mijn spelers staat er ook een persoonlijk doel op het profiel, iets als aanvalspercentage naar 45 procent. Dan gaat het gesprek niet over of hij het goed doet, maar over dat ene ding.”

En als de lijn na al dat gepuzzel gewoon niet omhooggaat?

“Dan ben ik blij dat het november is. Dan kan ik er nog iets aan doen: de training omgooien, een blok inruimen voor precies dat ding, of een oefening als huiswerk meegeven. Je kiest de oefening en vinkt aan wie hem thuis gaat doen — iedereen, of alleen die ene speler.

“Dat is het hele punt. Niet dat de app je vertelt wie er groeit; dat doet hij niet, dat blijf jij doen. Maar dat je het vroeg genoeg ziet om er nog iets mee te kunnen. In mei heb je alleen nog een mooie grafiek.”

Het blad Huiswerk meegeven over een oefening heen: bovenaan Iedereen, daaronder alle spelers met rugnummer en een vinkvakje, en onderaan de knop Bewaar.
Een oefening meegeven aan de hele selectie of aan één speler — dat is wat november je nog toestaat.
Interviews
Koach

Zie groei terwijl er nog tijd is

Koach zet de vorm, de fouten, de trainingsinzet en je eigen notities op één spelersprofiel. Gratis te proberen: zet je selectie op, en na drie wedstrijden staat de eerste lijn er.

Probeer Koach gratis