Volleybaloefeningen · Wedstrijdvormen · Teamwork
Wedstrijd met rotatie
Een volledige zes tegen zes waarin het team na elke rally één positie doordraait, ongeacht wie het punt maakte. In een kwartier komt iedere speler dus op elke plek terecht en zie je meteen welke rotatie niet loopt. Voor jeugdteams is het bovendien de snelste manier om te leren waar je hoort te staan.
Fase 1 van 12Startopstelling; A ontvangt de service van B
Deze animatie komt uit de Koach-app. Daar speel je hem af op eigen snelheid en geef je de spelers je échte spelersnamen.
Openen in de appZo verloopt de oefening
Waar train je op
Volledige 6v6 waarin het team na elke rally doordraait: rally spelen, punt, en één positie roteren.
- De zes rotaties leren kennen door ze allemaal te spelen, niet door ze te bekijken.
- Op een plek spelen die niet je eigen positie is.
- Voor elke serve controleren of je goed staat ten opzichte van je buren.
Coachpunten
Doordraaien gebeurt na elke rally, ook na een gewonnen punt.
Dat wijkt af van de wedstrijdregel en dat is de bedoeling: zo krijgt iedere speler evenveel beurten op elke positie in plaats van dat het sterkste team blijft staan.
Kijk voor de serve naar links en rechts, niet naar de vloer.
Een positiefout gaat bijna altijd over de speler naast je, niet over de lijnen. Een korte blik op je buren is genoeg en kost geen seconde.
De spelverdeler loopt pas in als de serve geslagen is.
Wie te vroeg naar positie 2 loopt, staat op het contactmoment verkeerd en dat is een fout die de scheidsrechter altijd ziet. Wachten op het contact scheelt in de wedstrijd punten.
Benoem hardop welke rotatie je speelt.
Spelers herkennen hun eigen plek pas als ze de rotatie ook kunnen benoemen. Twee trainingen hardop tellen scheelt een half seizoen twijfelen.
Variaties
- Makkelijker
- Doordraaien na elke twee rally's, zodat er tijd is om te wennen. De service komt van de driemeterlijn.
- Moeilijker
- Bij een positiefout is het punt direct voor de tegenstander en draait het team niet door. Of: draai twee posities tegelijk door.
- Met veertien spelers
- Zes per kant plus twee wisselaars die bij elke doordraaibeurt op positie 1 instromen; de speler die van positie 1 af komt, gaat naar de kant.
- Als wedstrijdje
- Spelen tot 25 met doordraaien na elke rally. Elk punt dat gescoord wordt in de rotatie die je vooraf als zwakste hebt aangewezen, telt dubbel.
Volleybaloefeningen
Verder lezen in de kennisbank: je zes rotaties vooraf doorlopen · wat een rotatiefout je kost · de wissel tussen midden en libero