Geschiedenis van volleybal: van mintonette tot rally point
Het korte antwoord
Volleybal werd in 1895 bedacht door William G. Morgan, sportleider bij de YMCA in Holyoke (Massachusetts), onder de naam mintonette. In 1896 kreeg het de naam volley ball. In 1947 volgde de wereldbond FIVB, in 1964 de olympische première in Tokio, en eind jaren negentig kwamen de libero en het rally point.
De geschiedenis van volleybal begint in 1895 in een YMCA-zaal in de Verenigde Staten, met een spel voor oudere leden die basketbal te zwaar vonden. Dit zijn de jaartallen die ertoe doen, nagetrokken bij de FIVB, de Volleyball Hall of Fame en de olympische database Olympedia, en de twee regels uit de jaren negentig die elke wedstrijd van nu bepalen.
1895: mintonette in Holyoke
William G. Morgan (1870 tot 1942) werd in de zomer van 1895 directeur lichamelijke opvoeding bij de YMCA in Holyoke, Massachusetts. Hij had zelf gestudeerd aan de opleidingsschool van de YMCA in Springfield, de school waar James Naismith in 1891 basketbal bedacht. Voor de jonge leden werkte basketbal goed, maar Morgan had ook oudere leden, en voor hen was dat spel te zwaar. Hij zocht een competitief spel met minder fysiek contact en bouwde het op uit zijn eigen trainingsmethoden en wat hij in de zaal zag werken. Tennis viel af: daar was te veel materiaal voor nodig.
Wat overbleef, was een net tussen twee ploegen. Morgan hing het op ongeveer 1,98 meter, net boven het hoofd van een gemiddelde man. Een basketbal en de binnenbal daarvan voldeden niet, dus liet hij bij Spalding een eigen bal maken: leer om een rubberen binnenbal. Hij noemde het spel mintonette. Een maximum aan spelers was er niet, en een ploeg mocht de bal zo vaak raken als ze wilde voordat hij over het net ging.
1896: van mintonette naar volley ball
In 1896 liet Morgan het spel zien op een conferentie aan de YMCA-school in Springfield, de school die nu Springfield College heet. Professor Alfred T. Halstead stelde daar voor om mintonette te vervangen door volley ball, naar het volleren: de bal terugspelen voordat hij de grond raakt. Morgan en de conferentie namen de naam over. In juli 1896 verscheen een kort verslag met de regels in het blad Physical Education, en in 1897 stonden ze in het eerste officiële handboek van de Athletic League van de Noord-Amerikaanse YMCA. Pas in 1952 besloot de Amerikaanse volleybalbond om de naam als één woord te schrijven: volleyball.
Hoe het spel de wereld over ging
De YMCA nam het spel overal mee naartoe. In 1900 werd Canada het eerste land buiten de Verenigde Staten dat het overnam. Franklin H. Brown bracht het in 1908 naar Japan en Elwood S. Brown in 1910 naar de Filipijnen; in 1913 stond volleybal op het programma van de eerste Far Eastern Games in Manila. In Azië speelde men lange tijd met de regels van Brown, met zestien spelers per ploeg, zodat er meer mensen tegelijk mee konden doen. In 1916 kreeg de YMCA de Amerikaanse universiteitsbond NCAA zover dat die de regels uitgaf.
Intussen werd het spel strakker. In 1918 ging het aantal spelers per ploeg naar zes, en in 1922 werd het aantal balcontacten per ploeg vastgezet op drie. Tot in het begin van de jaren dertig was volleybal vooral ontspanning; daarna werden er in veel landen nationale kampioenschappen gespeeld.
1947 tot 1996: wereldbond, wereldtitels en de Spelen
In 1947 richtten veertien nationale bonden in Parijs de Fédération Internationale de Volleyball op, de FIVB. De Fransman Paul Libaud werd de eerste voorzitter en bleef dat 37 jaar, tot 1984. In die tijd groeide de FIVB van veertien naar meer dan honderdvijftig leden. Het eerste wereldkampioenschap voor mannen volgde in 1949, dat voor vrouwen in 1952.
In 1964 stond volleybal voor het eerst op het programma van de Olympische Spelen, in Tokio, met een toernooi voor mannen en een voor vrouwen. Bij de mannen won de Sovjet-Unie, bij de vrouwen Japan. Beachvolleybal kwam erbij in 1996, in Atlanta. Op het wereldkampioenschap van 1998 in Japan bracht de FIVB de bal met gele, blauwe en witte panelen in het spel. Volgens haar eigen geschiedenispagina telt de FIVB nu 220 aangesloten nationale bonden.
De regels die het spel van nu maakten
| Jaar | Regel | Wat het veranderde |
|---|---|---|
| 1895 | Geen maximum aan spelers of balcontacten | Een recreatiespel voor de YMCA-zaal |
| 1918 | Zes spelers per ploeg | Zes tegen zes, zoals nu |
| 1922 | Hooguit drie balcontacten per ploeg | De opbouw in drie keer, zoals nu |
| 1996 of 1998 | De libero | Een verdedigingsspecialist in een afwijkend shirt |
| 1998 | Rally point: elke rally een punt, sets tot 25 | Elke fout kost een punt |
De FIVB stelt het reglement per olympische cyclus vast. De huidige editie is de Official Volleyball Rules 2025-2028; wat daarin veranderde, staat in de nieuwe spelregels, en alle regels van nu staan in volleybalregels op een rij.
Waarom de libero en het rally point er kwamen
De twee regels die je elke week merkt, zijn de jongste. Over het jaar van de libero is de FIVB zelf niet eenduidig: op haar pagina met de basisregels staat dat ze de libero in 1998 invoerde, op haar pagina over het spel staat 1996. De rol beschrijft ze wel helder. De libero neemt een groot deel van de receptie en is de spil van de verdediging achterin. Hij speelt alleen als achterspeler, mag niet serveren of blokkeren, valt niet aan op een bal die helemaal boven de netrand is, en draagt een shirt dat afwijkt van de rest. Tegenwoordig mag een ploeg er twee hebben. Voor coaches betekent dat: er is een plek in de basis voor een speler die niet lang hoeft te zijn, zolang hij kan passen en verdedigen. Hoe dat in je team werkt, staat in de liberoregels.
Het rally point werd op het wereldcongres van de FIVB in oktober 1998 bekrachtigd. Daarvoor kon een ploeg alleen een punt maken als ze zelf serveerde, en gingen de sets tot 15. Won de ontvangende ploeg de rally, dan kreeg ze alleen de service terug, waardoor een set lang kon duren. De FIVB wilde een telling die makkelijker te volgen was, met snellere en spannendere wedstrijden. Nu levert elke rally een punt op en gaan de sets tot 25, met een beslissende set tot 15 en steeds twee punten verschil.
Wat dat voor je coaching betekent:
- Een servicefout kost een punt. Vroeger verloor je alleen de service, nu krijgt de tegenstander het punt. Daarom tellen coaches servicefouten tegenwoordig nauwkeurig mee; hoe de telling precies werkt, lees je in punten tellen in volleybal.
- Side-out is de basis van elke set. Wie zijn eigen receptiepunt niet maakt, geeft direct een punt weg. Het percentage side-outs per rotatie laat zien in welke stand je punten weggeeft.
- Elke reeks staat meteen op het bord. Vier punten op rij voor de tegenstander zijn vier punten achterstand, ook als jij aan service was. Dat is het moment voor een time-out, niet pas als de set bijna voorbij is.
Laat je team één keer de oude telling spelen. Speel een set tot 15 waarin alleen de serverende ploeg kan scoren. Binnen tien minuten merken spelers hoeveel een side-out waard is, en waarom een servicefout nu meer kost dan in 1990.
Libero en rally point in je eigen wedstrijd
Wie een wedstrijd bijhoudt, werkt met allebei. In Koach telt elke rally een punt en staat elke set standaard op 25, de vijfde op 15. Bij het voorbereiden wijs je onder Rollen je middenspelers en je libero aan. Bij de start komt de libero vanzelf in het veld voor een middenspeler achterin, en met Libero automatisch wisselen (standaard aan) wisselt hij de hele wedstrijd met de middens mee. Na afloop zie je per rotatie hoe vaak je de side-out haalde. Ben je nieuw in het spel, lees dan eerst hoe je volleybal speelt.
Wat Koach na de 14 gratis dagen kost, staat op de prijzenpagina.
14 dagen gratis, zonder creditcard. Zet je libero en je middenspelers klaar en houd zaterdag elke rally bij.
Probeer Koach bij je volgende wedstrijdBronnen: FIVB, geschiedenis van volleybal; FIVB, basisregels en FIVB, het spel (libero en rally point); Volleyball Hall of Fame, William G. Morgan en Paul Libaud; Olympedia, uitslagen Tokio 1964 mannen en vrouwen. Geraadpleegd op 1 november 2026.
Veelgestelde vragen
Wie heeft volleybal uitgevonden?
William G. Morgan, directeur lichamelijke opvoeding bij de YMCA in Holyoke, Massachusetts, bedacht het spel in 1895. Hij zocht een spel voor oudere leden die basketbal te zwaar vonden en noemde het mintonette. In 1985 werd Morgan als eerste opgenomen in de Volleyball Hall of Fame in Holyoke.
Waarom heet volleybal volleybal?
Op een YMCA-conferentie in Springfield in 1896 stelde professor Alfred T. Halstead voor om de naam mintonette te vervangen door volley ball. Volleren is de bal terugspelen voordat hij de grond raakt, en daar draait het spel om. Sinds 1952 schrijft de Amerikaanse bond het als één woord.
Sinds wanneer is volleybal een olympische sport?
Sinds de Spelen van 1964 in Tokio, met een toernooi voor mannen en een voor vrouwen. De Sovjet-Unie won bij de mannen en Japan bij de vrouwen. Beachvolleybal staat sinds de Spelen van 1996 in Atlanta op het olympische programma.
Sinds wanneer bestaat het rallypointsysteem?
De FIVB bekrachtigde het rally point op haar wereldcongres in oktober 1998. Daarvoor scoorde een ploeg alleen op eigen service en gingen de sets tot 15. Nu levert elke rally een punt op en gaan de sets tot 25, met een beslissende set tot 15.
Houd je volgende wedstrijd rally voor rally bij
14 dagen gratis, zonder creditcard. Na één wedstrijd zie je je side-out per rotatie.
Start met KoachOf lees eerst wat de volleybal app voor coaches allemaal doet.


