Een oefenwedstrijd of toernooiwedstrijd aanmaken
Oefenwedstrijden zijn de generale repetities van je seizoen — en administratief meestal spookwedstrijden: gespeeld, gewonnen, vergeten. Zonde, want juist dáár test je opstellingen en spelers. Aanmaken kost een minuut.
Waarom je ook oefenwedstrijden registreert
In een oefenduel probeer je wat je in de competitie niet durft: de jonge setter een hele wedstrijd, de nieuwe startdraai, de buitenaanvaller op diagonaal. Precies die experimenten wil je kunnen terugzien — anders test je wel, maar leer je niet. Een geregistreerde oefenwedstrijd geeft je experimenten cijfers.
Aanmaken in één formulier
- Open de agenda, tik op + en kies bovenin Wedstrijd.
- Vul de tegenstander en datum/tijd in. Vanaf twee getypte letters stelt de app clubs voor die je eerder speelde — "Bedoel je …?" — zodat je niet elk seizoen drie spellingen van dezelfde club verzamelt.
- Kies het type wedstrijd. Er zijn er vier, als chips met elk een eigen kleur: Competitie, Beker, Toernooi en Oefenwedstrijd. Voor een oefenduel kies je Oefenwedstrijd: een eigen type met een eigen kleur, dus je hoeft er geen notitie aan te hangen om het later terug te kennen. Dezelfde keuze staat later ook onder Bewerk, mocht een wedstrijd alsnog van soort veranderen.
- Zet thuis of uit en tik op Wedstrijd toevoegen. Je startopstelling stel je in bij de start van de wedstrijd, of vooraf met Opstelling plannen in het wedstrijddetail.
De wedstrijd staat nu in de agenda en is op wedstrijddag met één tik te starten in de live-modus. Schuift er onderweg iets — andere zaal, ander tijdstip — dan open je de wedstrijd en tik je rechtsboven op het potlood (Bewerk); starten en bewerken zijn twee losse knoppen.
Speel je in een Nederlandse bondscompetitie, dan hoef je je competitie- en bekerwedstrijden niet met de hand in te voeren: koppel je poule en lees het programma in één keer in. Wedstrijden die je zelf al had ingepland worden herkend en niet dubbel toegevoegd. Alles wat buiten je gekoppelde poule valt — een oefenduel tegen de buren, een los toernooi — maak je aan zoals hierboven.
De tweede route: meteen beginnen
Niet elk oefenduel staat vooraf in de agenda. Voor een potje tegen een ander team dat spontaan ontstaat, tik je op het tabblad Wedstrijd rechtsboven op + en kies je Oefenwedstrijd (Nu starten). Die keuze begint een wedstrijd op dít moment en plant er geen: in het startscherm staat geen datumkeuze, de datum is vandaag. Competitie- en bekerwedstrijden plan je vooruit in de Agenda. Speel je na de training een partij met je eigen spelers in twee ploegen, start dan een trainingswedstrijd vanuit het trainingsplan: die cijfers worden apart bewaard en tellen niet mee als wedstrijd.
Zo'n wedstrijd krijgt automatisch het type Oefenwedstrijd. Dat scheelt een keuze, en het voorkomt dat er straks een competitielabel staat op een potje dat nergens voor telde.
Het type is het etiket, de notitie het denkwerk
Het label doet het herkenwerk. In de agenda en in je wedstrijdlijst kleurt het datumblokje van een oefenwedstrijd groen, en in de wedstrijd zelf staat het type Oefenwedstrijd onder de tegenstander. Je ziet dus in één oogopslag welke cijfers uit een oefenduel komen.
Wat dat label niet doet, is cijfers wegstrepen: de punten, blocks en services uit een oefenwedstrijd tellen gewoon mee in de seizoensstatistieken van je spelers, net als die uit een competitiewedstrijd. Het label is er om die cijfers te kunnen duiden — 'die 3-0 was tegen het vierde' — niet om ze weg te filteren.
Het denkwerk zet je na afloop in de wedstrijdnotitie onder Samenvatting, die alleen voor trainers zichtbaar is: daar leg je vast wát je testte, zodat je over drie maanden nog weet waarom Lars die avond de hele wedstrijd speelverdeler was. Speel je een toernooi met meerdere korte wedstrijden op een dag, kijk dan bij toernooien plannen. Gaat het om de augustusdag waarmee je voorbereiding begint, dan lees je bij wat je op een voorbereidingstoernooi wél kunt meten hoe je die vijf korte potjes verdeelt over vijf testvragen.
Bepaal vooraf wat je test. Een oefenwedstrijd zonder vraag is een training met publiek. Schrijf één zin bij de wedstrijd — 'test: Lars hele wedstrijd setter' — en de statistieken van die avond hebben een doel.
Veelgestelde vragen
Tellen oefenwedstrijden mee in de seizoensstatistieken van spelers?
Ja, de cijfers uit een oefenwedstrijd tellen net zo hard mee als die uit een competitiewedstrijd. Aan het label 'Oefenwedstrijd' en de groene kleur in de agenda zie je meteen om welke duels het gaat, zodat je ze bij je analyse op waarde kunt schatten.
Wat is het verschil tussen een oefenwedstrijd via + starten en een wedstrijd plannen in de agenda?
Oefenwedstrijd onder + op het tabblad Wedstrijd begint meteen een wedstrijd: de datum is vandaag en het type staat op oefenwedstrijd. Via de agenda plan je vooruit en kies je zelf of het een competitie-, beker-, toernooi- of oefenwedstrijd wordt.
Moet ik voor een oefenwedstrijd dezelfde opstellingsdiscipline aanhouden?
Juist wel — het is je kans om een afwijkende opstelling onder wedstrijdomstandigheden te testen. Zet hem bij de start van de wedstrijd klaar zoals altijd; alleen dan is de vergelijking met je vaste opstelling eerlijk.
Hoe plan ik een reeks oefenwedstrijden in de voorbereiding?
Maak ze in één sessie allemaal aan in de agenda en noteer per duel het testdoel; na afloop leg je in de wedstrijdnotitie vast wat de test opleverde. Drie tot vijf duels voor de competitiestart is een gangbare opbouw.
Probeer het zelf in Koach
Minder administratie, meer coachen — vanaf je eerstvolgende training.
Start met KoachOf lees eerst wat de volleybal app voor coaches allemaal doet.



