Volleybaloefeningen · Verdediging · Warming-up
Mat-duikvorm
Twee rijen, één mat, en een korte bal die je alleen duikend haalt. De mat haalt de angst uit de landing, zodat spelers zich echt durven laten vallen. Doordat iedereen na zijn duik doorloopt en achteraan aansluit, blijft het tempo hoog genoeg om er een warming-up van te maken.
Fase 1 van 9Twee rijen bij de mat; de trainer heeft de bal
Deze animatie komt uit de Koach-app. Daar speel je hem af op eigen snelheid en geef je de spelers je échte spelersnamen.
Openen in de appZo verloopt de oefening
Waar train je op
Valtechniek trainen: verdedigers duiken over een mat naar een korte bal van de trainer en rollen weer terug op in de rij.
- Durven vallen op een zachte ondergrond, zonder aan de landing te denken.
- De bal spelen tijdens de val in plaats van erna.
- Veel herhalingen in korte tijd, doordat de rij blijft doorschuiven.
Coachpunten
Eerst een paar duiken zonder bal, tot de landing er goed uitziet.
Met bal kijkt niemand naar zijn eigen techniek. Twee rondes droog duiken maken zichtbaar wie op de knieën landt, en dat kun je dan corrigeren voordat het een gewoonte wordt.
Borst en buik landen, niet de knieën.
Landen op de knieën geeft kneuzingen en, belangrijker, het remt je af. Wie op de borst doorglijdt, houdt snelheid en komt verder bij de bal.
De handen spelen de bal, de armen vangen de val pas daarna op.
Spelers zetten hun handen neer om de val te breken en spelen de bal dan met hun onderarmen mee. Het contact met de bal komt eerst, de steun daarna.
Wie het eng vindt, start vanuit hurkzit naast de mat.
Van laag naar hoog opbouwen werkt; van hoog terugbouwen niet. Een speler die één keer verkeerd landt, doet twee maanden niet meer mee aan duikvormen.
Variaties
- Makkelijker
- De trainer gooit de bal recht boven de mat, zodat de speler alleen het vallen hoeft te doen. Wie wil, mag eerst glijden vanuit stand zonder bal.
- Moeilijker
- De bal komt net naast de mat, zodat de speler zijn richting moet kiezen; wissel per ronde van duikkant zodat ook de zwakke kant aan bod komt.
- Met zes spelers
- Eén rij van zes met twee ballen: terwijl de eerste opstaat, is de tweede al onderweg. De trainer laat een derde speler de ballen terugrollen.
- Als wedstrijdje
- Twee rijen tegen elkaar, drie minuten. Elke redding die speelbaar bij de trainer terugkomt is een punt; een duik op de knieën kost er een.
Volleybaloefeningen
Verder lezen in de kennisbank: duiken en rollen leren · veilig landen als blessurepreventie · een warming-up opbouwen