Volleybaloefeningen · Serveren
Serveren op zones
Acht spelers, twee doelzones en drie ballen: aan de ene kant wordt geserveerd, aan de andere kant halen vier spelers de ballen op en sturen ze terug. Zo staat er niemand met een bal in zijn handen te wachten tot de rij rond is. De doelzone wisselt per bal, dus richten blijft een handeling en wordt geen gewoonte.
Fase 1 van 7Twee doelzones met pylonen; rechts wordt geserveerd, links worden de ballen opgehaald
Deze animatie komt uit de Koach-app. Daar speel je hem af op eigen snelheid en geef je de spelers je échte spelersnamen.
Openen in de appZo verloopt de oefening
Waar train je op
Servicenauwkeurigheid: acht spelers serveren om beurten vanaf de achterlijn naar wisselende doelzones die met pylonen zijn gemarkeerd.
- Afwisselend op zone 5 en zone 1 serveren, dus per bal een andere hoek.
- Achter de achterlijn blijven, ook als het tempo oploopt.
- Een serveervorm draaiend houden met weinig ballen en veel spelers.
Coachpunten
Je voeten blijven achter de lijn tot de bal weg is.
Bij tempo stapt bijna iedereen een keer over de lijn zonder het te merken. In een wedstrijd is dat direct een punt weg, en het is de makkelijkste fout om er nu uit te halen.
Kijk naar je pylon voordat je opgooit, niet erna.
Wie tijdens de opgooi nog naar zijn doel zoekt, kantelt zijn schouders en de bal gaat mee. Richten hoort te gebeuren voordat de bal de hand verlaat.
De halers rollen de ballen terug over de grond.
Een bal die door de lucht terugkomt, kruist de service van een teamgenoot. Rollend langs de zijkant lijkt trager en is in de praktijk sneller en veiliger.
Wissel na elke serie van kant.
Ballen halen is geen straf maar wel dode tijd. Door strak te wisselen krijgt iedereen evenveel services en blijft de groep in beweging.
Variaties
- Makkelijker
- Eén doelzone in plaats van twee, zo groot als het halve achterveld. Serveerders die de afstand nog niet halen, mogen vanaf de 3-meterlijn.
- Moeilijker
- De haler die de vorige bal aannam, roept de zone voor de volgende service. De serveerder hoort zijn doel dus pas als hij al klaarstaat.
- Met twaalf spelers
- Zes serveerders en zes halers met vier ballen in omloop. Iedere serveerder krijgt twee ballen per beurt en sluit dan achteraan aan.
- Als wedstrijdje
- De serveerkant heeft drie minuten om zoveel mogelijk zones te raken. Daarna wisselen de kanten; de kant met de meeste treffers wint.
Volleybaloefeningen
Verder lezen in de kennisbank: oefeningen zonder wachtrij bij een grote groep · waar je bij de service precies mag staan · doelgericht serveren op zones