Scheenbeenvliesontsteking volleybal: wat nu? | Koach
Start 14 dagen gratis
Kennisbank · Coachvak & fysiek

Scheenbeenvliesontsteking bij volleybal: oorzaken en terugkeer

Het korte antwoord

Scheenbeenvliesontsteking bij volleybal is overbelasting van het scheenbeen en het botvlies eromheen, meestal na een plotselinge toename van springen en lopen. Verlaag de belasting die pijn doet en bouw de sprongen stap voor stap weer op. Wordt het niet minder, ga dan naar een sportarts of fysiotherapeut.

Scheenbeenvliesontsteking bij volleybal begint vaak in de eerste weken van het seizoen: een zeurende pijn aan de binnenkant van het scheenbeen, die bij het inspringen opspeelt en de volgende ochtend nog voelbaar is. Hier lees je wat het is, waar het vandaan komt en hoe je weer opbouwt, als speler en als coach.

Leestijd: 7 min

Wat is scheenbeenvliesontsteking?

Scheenbeenvliesontsteking is de gangbare naam voor pijn langs de binnenrand van het scheenbeen die door sporten ontstaat. Artsen spreken van het mediaal tibiaal stresssyndroom, in het Engels heet het shin splints. De naam is wat misleidend: het gaat vooral om overbelasting van het bot en van het botvlies, het vlies om het bot waar een paar diepe kuitspieren aan vastzitten. Het scheenbeen krijgt meer klappen te verwerken dan het in dat tempo kan bijhouden.

Zo herken je het:

Wanneer het iets anders kan zijn

Een paar signalen passen niet bij een gewone scheenbeenvliesontsteking en horen meteen bij een huisarts of sportarts: pijn die je met één vinger op één plek van het bot aanwijst, pijn 's nachts of in rust, een zwelling op het bot, en pijn op het scheenbeen als je op dat been hinkelt. Dat kan een stressfractuur zijn, een haarscheurtje in het bot. Test dat niet verder zelf: stop met springen en laat het onderzoeken. Een ander beeld is een strak, krampend gevoel in de spieren van het onderbeen dat tijdens de inspanning opbouwt en na rust verdwijnt, soms met tintelingen in de voet. Ook dat laat je onderzoeken. Dit artikel helpt je de training aanpassen en het gesprek voeren; een diagnose stelt een arts of fysiotherapeut.

Waarom volleyballers scheenbeenvliesontsteking krijgen

De oorzaak is bijna altijd dezelfde: de belasting stijgt sneller dan het onderbeen kan bijhouden. De Britse gezondheidsdienst noemt in zijn voorlichting drie bekende aanleidingen: weer gaan sporten na een periode van rust, rennen of springen op een harde ondergrond, en een slechte looptechniek (NHS, Shin splints). In een volleybalseizoen komen die op vaste momenten samen:

Onderzoek naar risicofactoren is vooral gedaan bij hardlopers en militairen, niet bij volleyballers. Een overzichtsstudie in het British Journal of Sports Medicine vond verband met een hogere BMI, een voetboog die bij belasting sterker inzakt, een enkel die verder naar beneden strekt en een heup die verder naar buiten draait (Hamstra-Wright e.a., 2015). Een overzichtsstudie bij hardlopers noemde daarnaast vrouwelijk geslacht en een eerder doorgemaakte scheenbeenvliesontsteking (Newman e.a., 2013). Aan de meeste van die factoren verander je weinig. Aan de opbouw van de belasting wel, en wie het al eens had, verdient extra aandacht in de eerste weken.

Wat je doet als je scheenbeen pijn doet

Volledig stoppen is zelden nodig, doortrainen op de pijn ook niet. De NHS adviseert te stoppen met de activiteit die de klacht veroorzaakt, intussen te bewegen op een manier die niet schokt, zoals zwemmen, en daarna geleidelijk op te bouwen in plaats van meteen terug te gaan naar het oude niveau. Voor een volleyballer betekent dat:

Ga naar een huisarts, sportarts of fysiotherapeut als de pijn na een paar weken aangepast trainen niet minder wordt, als hij erger wordt, of bij een van de signalen hierboven.

Vraag het elke week, juist in de voorbereiding. Stel aan het begin van de eerste training van de week één vraag: wie heeft ergens pijn die bij het springen opkomt? Een scheenbeen dat in week twee wordt gemeld, kost een paar aangepaste trainingen. Een scheenbeen dat pas wordt gemeld als iemand niet meer kan springen, kost vaak veel meer.

Als coach de sprongen doseren

De meeste scheenbeenklachten in een team ontstaan in een week waarin alles tegelijk omhoog ging. Kijk daarom naar de eerste zes weken van je seizoen als één geheel:

Hoe je per speler een sprongbudget bijhoudt, staat uitgewerkt bij de springersknie; dezelfde aanpak werkt voor het scheenbeen. Zachter landen helpt het hele onderbeen, en hoe je dat aanleert, lees je in veilig leren landen. Ben je net begonnen als trainer, dan hoort het herkennen van overbelasting bij wat je in je eerste seizoen leert, samen met de rest uit beginnen als volleybalcoach.

Terugkeer na scheenbeenvliesontsteking: de sprongen weer opbouwen

Een veelgemaakte fout is volledig terugkomen op de dag dat het niet meer pijn doet. Pijnvrij lopen zegt weinig over honderden sprongen per week. Werk daarom in fasen, met een paar trainingen per fase, en ga pas verder als de vorige fase de ochtend erna geen extra pijn gaf. De tabel is een gangbare opbouw voor de training, geen behandelplan: stem hem af met je fysiotherapeut of sportarts.

FaseWat je doetVerder als
1. Belasting omlaagTrainen zonder sprongen en sprints, conditie op de fiets of in het waterLopen en traplopen gaan de hele dag zonder pijn
2. JoggenKorte stukken rustig joggen op een zachte ondergrondJoggen gaat zonder pijn, ook de ochtend erna
3. Lage sprongenBlokpassen, aanloop en lage sprongen op halve krachtGeen extra pijn de ochtend erna
4. Volle sprongen, minder vaakAanval en blok met minder sprongen dan normaal, bijvoorbeeld de helftTwee trainingen zonder naweeën
5. Volledig meedoenEen normale training, daarna eerst een deel van een wedstrijdTwee volledige trainingen zonder naweeën

Het tempo verschilt per speler. Bij een terugkerende klacht of een vermoeden van een stressfractuur bepaalt de behandelaar het moment van terugkeer, niet het wedstrijdschema. Kijk na de terugkeer ook terug: lag het aan de opbouw, aan de schoenen, of aan het hardlopen buiten? De algemene regels voor een veilige terugkeer na een blessure staan in blessurepreventie in volleybal.

Bijhouden wie aangepast traint

Bij een aangepaste training is het lastige niet de oefening, maar het onthouden. Mocht hij vorige week al lage sprongen maken, en weet je medetrainer dat ook? In Koach meldt een speler zich bij een training af met Kan niet en de reden Geblesseerd, of zet hij bij Ik kom via Opmerking toevoegen iets als "train mee zonder sprongen". Als trainer zet je bij Speler bewerken de status op Geblesseerd; in de spelerslijst staat die speler dan met de badge Geblesseerd. Na de training schrijf je in het verslag onder Spelersnotities wat hij deed en hoe het ging, en zet je Opvolgen aan als je er later op terug wilt komen.

Het verslag van een training in Koach met de velden Ging goed, Beter kan en Focus voor de volgende keer, en daaronder Spelersnotities
In het verslag van de training leg je onder Spelersnotities vast wie aangepast meedeed en hoe dat ging.

Verslag en spelersnotities zien alleen de trainers van het team, en bij een club ook de clubleiding via het teamlogboek; spelers en ouders zien ze niet. Koach telt geen sprongen en stelt geen blessure vast: het bewaart wat jij en je spelers vastleggen, zodat de opbouw niet van één geheugen afhangt. Wat Koach na de 14 gratis dagen kost, staat op de prijzenpagina.

14 dagen gratis, zonder creditcard. Leg na de eerstvolgende training vast wie aangepast meedeed, en zie volgende week in één oogopslag waar je gebleven was.

Probeer Koach met je team

Veelgestelde vragen

Mag je volleyballen met scheenbeenvliesontsteking?

Vaak wel, maar aangepast. Train mee met alles wat het scheenbeen weinig belast, zoals passen, bovenhands spelen vanuit stand en serveren zonder sprong, en laat blokken, aanvallen en hardlopen even liggen. Wat je doet, mag hooguit licht voelbaar zijn en de volgende ochtend niet erger zijn. Bij pijn in rust, 's nachts of op één plek van het bot ga je eerst naar een arts.

Hoe lang duurt scheenbeenvliesontsteking?

Volgens de voorlichting van de Britse gezondheidsdienst NHS gaat het meestal binnen een paar weken over, als je de belasting aanpast en daarna rustig opbouwt. Wie doortraint op de pijn, is vaak veel langer bezig. Wordt het na een paar weken aangepast trainen niet minder, laat het dan beoordelen door een huisarts, sportarts of fysiotherapeut.

Is scheenbeenvliesontsteking hetzelfde als een stressfractuur?

Nee. Bij scheenbeenvliesontsteking zit de pijn verspreid over een strook aan de binnenkant van het scheenbeen en hoort hij bij de belasting. Een stressfractuur is een haarscheurtje in het bot: de pijn zit meestal op één plek die je met een vinger aanwijst, en is er ook in rust of 's nachts. Twijfel je, laat het dan door een arts onderzoeken voordat je weer springt.

Helpen andere schoenen tegen scheenbeenvliesontsteking?

Versleten schoenen vervangen is een logische stap, want de demping neemt met de tijd af. Nieuwe schoenen loop je liefst eerst in tijdens rustige trainingen voordat je er een sprongtraining op doet. Of steunzolen of andere hulpmiddelen bij jou helpen, verschilt per persoon; laat dat beoordelen door een sportarts of fysiotherapeut.

Houd bij wie aangepast traint

14 dagen gratis, zonder creditcard. Na een maand zie je per speler hoe de opbouw ging.

Start met Koach

Of lees eerst wat de volleybal app voor coaches allemaal doet.