Scheidsrechters volleybal: het hele team | Koach
Start 14 dagen gratis
Kennisbank · Spelregels

Scheidsrechters bij volleybal: wie fluit, wie telt en wie vlagt

Het korte antwoord

Bij volleybal werken de scheidsrechters als team: een eerste scheidsrechter op de stoel, een tweede scheidsrechter op de vloer, een teller aan de tafel en twee of vier lijnrechters met een vlag. Alleen de twee scheidsrechters fluiten, en de eerste heeft het laatste woord.

Scheidsrechters bij volleybal zijn bij een officiële wedstrijd een heel team, niet één persoon met een fluit. Dit overzicht volgt de Official Volleyball Rules 2025-2028 van de FIVB: wie er in het scheidsrechtersteam zit, waar ieder staat, wie welke fout beoordeelt en wat je als club op een gewone speeldag regelt.

Leestijd: 7 min

Wie er in het scheidsrechtersteam zit

Volgens regel 22.1 bestaat het scheidsrechtersteam uit een eerste en een tweede scheidsrechter, een challengescheidsrechter, een reservescheidsrechter, de teller en vier of twee lijnrechters. In de competities van de FIVB en in wereld- en officiële competities zijn een assistent-teller, een reservescheidsrechter en, als er met de videochallenge wordt gespeeld, een challengescheidsrechter verplicht. Lager in de piramide is het team kleiner.

OfficialPlekHoofdtaak
Eerste scheidsrechterOp de stoel aan één kant van het net, ogen ongeveer 50 cm boven de netrandLeidt de wedstrijd, heeft het laatste woord
Tweede scheidsrechterOp de vloer bij de paal aan de overkant, tegenover de eersteNet en middenlijn, posities van de ontvangende ploeg, wissels en time-outs
TellerAan de teltafel, tegenover de eerste scheidsrechterHet wedstrijdformulier en de servicevolgorde
Assistent-tellerNaast de tellerLiberowissels, het scorebord aan de tafel
LijnrechtersBij de hoeken van het veldIn of uit, antenne, voetfout bij de service
Challenge- en reservescheidsrechterIn een eigen cabine of plekVideochallenge, vervangen van de tweede scheidsrechter

Hoeveel officials er bij jouw wedstrijd zijn, bepaalt de competitie, en dat verschilt per land en per niveau. In veel clubcompetities fluit één scheidsrechter met een teller naast zich, soms met een tweede scheidsrechter erbij, en lijnrechters zie je vooral hogerop. Kijk voor je eigen wedstrijden in het reglement van je bond.

Wie mag fluiten en hoe een beslissing loopt

Alleen de eerste en de tweede scheidsrechter mogen tijdens de wedstrijd fluiten (regel 22.2.1). De eerste fluit voor elke service. Het einde van een rally fluit de eerste of de tweede, maar alleen als ze zeker zijn van de fout en weten welke fout het is. Na het fluitsignaal volgt het gebaar in een vaste volgorde. Fluit de eerste, dan wijst hij eerst de ploeg aan die gaat serveren, dan de fout en zo nodig de speler. Fluit de tweede, dan toont hij de fout en de speler, en wijst daarna de serverende ploeg aan zoals de eerste die aangeeft. Wat elk gebaar betekent, staat in alle scheidsrechtergebaren.

De eerste scheidsrechter: leidt van begin tot eind

De eerste scheidsrechter staat op een scheidsrechtersstoel aan het ene eind van het net, aan de kant tegenover de teltafel (regel 23). Hij heeft gezag over het hele scheidsrechtersteam en over de spelers en de bank. Tijdens de wedstrijd zijn zijn beslissingen definitief: hij mag een beslissing van een ander lid van het team terugdraaien als die volgens hem fout is, en hij beslist ook over zaken die het reglement niet regelt. Discussie over zijn beslissingen staat hij niet toe, maar de spelaanvoerder mag om uitleg vragen over hoe een regel is toegepast.

Voor de wedstrijd controleert hij het speelveld, de ballen en het materiaal, doet hij de toss met de aanvoerders en houdt hij toezicht op het inspelen. Tijdens de wedstrijd geeft hij waarschuwingen en sancties, en beoordeelt hij onder meer:

Na de wedstrijd controleert hij het wedstrijdformulier en tekent het.

De tweede scheidsrechter: het net, de ontvangende ploeg en de bank

De tweede scheidsrechter staat buiten het veld bij de paal, tegenover de eerste (regel 24). Hij assisteert de eerste, maar heeft ook beslissingen die van hem zijn. Volgens regel 24.3.2 fluit hij:

Daarnaast regelt hij de onderbrekingen: hij staat wissels en time-outs toe, bewaakt hoe lang ze duren, telt ze en meldt de tweede time-out en de vijfde en zesde wissel aan de eerste scheidsrechter en de coach. Hij houdt toezicht op de bank en het opwarmgebied, controleert het werk van de teller, de vloer en de ballen, en bij een blessure staat hij een uitzonderlijke wissel of drie minuten hersteltijd toe. Fouten buiten zijn eigen lijst mag hij zonder fluit aangeven, maar hij dringt niet aan. Hoe je zo'n avond als tweede scheidsrechter stap voor stap doorloopt, staat in de taken van de tweede scheidsrechter.

Teller en assistent-teller: het formulier is leidend

De teller zit aan de teltafel tegenover de eerste scheidsrechter en vult het wedstrijdformulier in, samen met de tweede scheidsrechter (regel 27). Voor de wedstrijd noteert hij de gegevens van de wedstrijd en de ploegen, inclusief de libero's, haalt hij de handtekeningen van aanvoerders en coaches op en neemt hij per set de startopstelling over. Tijdens de wedstrijd schrijft hij elk punt op, bewaakt hij de servicevolgorde en meldt hij een fout direct na de service, registreert hij wissels, time-outs en sancties, en meldt hij het einde van een set en het achtste punt in de beslissende set, het moment van de kantwissel. Hij gebruikt een zoemer of ander geluid om de scheidsrechters te waarschuwen.

Waar een assistent-teller is, houdt die de liberowissels bij, bedient hij het handmatige scorebord aan de tafel en controleert hij of de scoreborden kloppen (regel 28). Wat je als teller voor, tijdens en na de wedstrijd doet, staat in de taken van de teller.

Lijnrechters: twee of vier vlaggen

Met twee lijnrechters staan ze in de hoeken die het dichtst bij de rechterhand van elke scheidsrechter liggen, schuin op één tot twee meter van de hoek; elk bewaakt de achterlijn en de zijlijn aan zijn kant. Met vier staan ze op één tot drie meter van elke hoek, in het verlengde van de lijn die ze bewaken (regel 29.1). Met een vlag van 40 bij 40 centimeter geven ze aan of een bal in of uit is, of de ontvangende ploeg een uitbal nog raakte, of de bal de antenne raakte of buiten de antenne over het net ging, en of een speler, behalve de serveerder, bij de service buiten zijn veld stond of de serveerder een voetfout maakte. Hoe dat in de praktijk gaat, staat in de lijnrechter bij volleybal.

Op het hoogste niveau komen er twee rollen bij. De challengescheidsrechter begeleidt vanuit een eigen cabine de videochallenge en meldt de eerste scheidsrechter welke fout er was. De reservescheidsrechter vervangt zo nodig de tweede scheidsrechter, controleert de wisselbordjes en helpt de tweede bij het vrijhouden van de vrije zone.

Neem één minuut voor de eerste service. Spreek als eerste en tweede scheidsrechter af hoe de tweede een fout buiten zijn lijst laat zien, en loop met de teller het formulier en de startopstellingen door. Die minuut voorkomt de discussie in de tweede set over wie er moest serveren.

Scheidsrechters en tellers regelen als club

Op een speeldag met vier thuiswedstrijden heb je al gauw acht diensten te vullen, per wedstrijd een scheidsrechter en een teller, vaak uit je eigen leden. Drie dingen maken het werkbaar: een lijst van wie kan fluiten en wie kan tellen, een indeling die rekening houdt met wie zelf speelt, en een eerlijke verdeling over het seizoen. Een speler die om 13:00 zelf speelt, zet je niet op de wedstrijd van 12:00.

In het clubdeel van Koach staat dat in de Zaaldag: per thuiswedstrijd zet je een dienst klaar als scheidsrechter, teller of zaalwacht. Per official geef je aan of iemand kan fluiten, tellen of allebei. Met Automatisch indelen vult Koach de open plekken: wie dit seizoen de minste diensten had, komt eerst, wie rond die tijd zelf speelt wordt overgeslagen, en niemand krijgt meer dan twee diensten op een dag. Een aparte dienst voor een tweede scheidsrechter of lijnrechters kent de Zaaldag niet. Hoe dat stap voor stap werkt, staat in scheidsrechter en teller indelen per thuiswedstrijd.

De Zaaldag in Koach met de thuiswedstrijden van een zaterdag, per wedstrijd de knop Dienst toevoegen en onderaan Automatisch indelen
De Zaaldag: per thuiswedstrijd een dienst toevoegen, en de open plekken in één keer laten indelen.

De Zaaldag hoort bij het abonnement Club; wat dat voor je vereniging betekent, staat op de pagina voor clubs en de bedragen op de prijzenpagina. Alle spelregels zelf vind je in volleybalregels op een rij, en de volledige tekst in de Official Volleyball Rules 2025-2028 van de FIVB.

14 dagen gratis, zonder creditcard. Zet je volgende thuisspeeldag in de Zaaldag en laat de scheidsrechters en tellers indelen.

Probeer Koach met je club

Veelgestelde vragen

Hoeveel scheidsrechters zijn er bij een volleybalwedstrijd?

Bij een officiële wedstrijd volgens de FIVB-regels fluiten er twee: een eerste scheidsrechter op de stoel en een tweede op de vloer. Daarnaast zijn er een teller en twee of vier lijnrechters, en op het hoogste niveau een assistent-teller, een reservescheidsrechter en een challengescheidsrechter. In veel clubcompetities is het team kleiner; wat er bij jou nodig is, staat in het reglement van je bond.

Wat is het verschil tussen de eerste en de tweede scheidsrechter?

De eerste staat op de stoel, leidt de wedstrijd en heeft het laatste woord; hij beoordeelt onder meer de service, de balbehandeling en fouten boven het net. De tweede staat op de vloer aan de overkant en fluit onder meer netcontact aan de kant van het blok, het doordringen onder het net en positiefouten van de ontvangende ploeg. Hij regelt ook wissels en time-outs.

Mag de teller fluiten?

Nee. Alleen de eerste en de tweede scheidsrechter mogen fluiten. De teller waarschuwt de scheidsrechters met een zoemer of ander geluid, bijvoorbeeld bij een fout in de servicevolgorde, een wisselverzoek of een verzoek dat niet mag. De scheidsrechters beslissen dan wat er gebeurt.

Wat doet een lijnrechter bij volleybal?

Een lijnrechter staat bij een hoek van het veld en geeft met een vlag aan of een bal in of uit is, of de ontvangende ploeg een uitbal nog raakte, of de bal de antenne raakte of buiten de antenne over het net ging, en of de serveerder een voetfout maakte. Op verzoek van de eerste scheidsrechter herhaalt hij zijn signaal.

Deel je scheidsrechters en tellers eerlijk in

14 dagen gratis, zonder creditcard. Na één speeldag weet je of het indelen je werk scheelt.

Start met Koach

Of lees eerst wat de volleybal app voor coaches allemaal doet.