Zitvolleybal regels: veld, net en wat anders is dan in de zaal
Het korte antwoord
Zitvolleybal regels in het kort: zes tegen zes op een veld van 10 bij 6 meter, het net op 1,15 meter voor mannen en 1,05 meter voor vrouwen, en bij vrijwel elk balcontact raakt je lichaam tussen billen en schouders de vloer. De service mag je blokken en aanvallen. Telling, rotatie en libero zijn als in de zaal.
Zitvolleybal regels lijken sterk op die van de zaal, met een kleiner veld, een lager net en één regel die alles verandert: je speelt zittend. Hier staat het reglement van World ParaVolley voor 2025-2028 op een rij, met de verschillen met zaalvolleybal en de regelnummers erbij.
Zitvolleybal in het kort
Zitvolleybal is volleybal waarbij je op de vloer zit. Het is een paralympische sport sinds de Spelen van Arnhem in 1980, en de internationale bond is World ParaVolley. Het reglement is gebaseerd op het zaalreglement van de FIVB, met aanpassingen voor het spelen vanuit zit. Er staan zes spelers per team in het veld, elke rally levert een punt op, een set gaat tot 25 met twee punten verschil, en wie drie sets wint, wint de wedstrijd. Bij 2-2 volgt een vijfde set tot 15 (regel 6.2 en 6.3).
Een team bestaat uit maximaal 14 spelers, met hooguit twee libero's (regel 4.1.1 en 19.1). In internationale wedstrijden spelen alleen spelers die een classificatie hebben doorlopen. Er zijn twee sportklassen: VS1 en VS2, waarbij VS2 staat voor een minimale beperking. Op het wedstrijdformulier mogen maximaal twee VS2-spelers staan, en in het veld hooguit één tegelijk (regel 4.1.1 en 7.3.1). Wie er in nationale en recreatieve competities mag meedoen, bepaalt de bond van je land; in een aantal landen spelen daar ook mensen zonder beperking mee. De zaalregels die gelijk blijven, vind je in volleybalregels op een rij.
Veld, net en bal: de maten naast die van de zaal
Het veld is veel kleiner dan in de zaal, en de aanvalslijn ligt dichter bij het net. Het net is lager en smaller, en de bal is precies dezelfde als in de zaal.
| Onderdeel | Zitvolleybal | Zaalvolleybal |
|---|---|---|
| Veld (regel 1.1) | 10 x 6 m | 18 x 9 m |
| Speelhelft | 5 m diep, 6 m breed | 9 x 9 m |
| Aanvalslijn (regel 1.3.4) | 2 m van de middenlijn | 3 m van de middenlijn |
| Nethoogte mannen (regel 2.1) | 1,15 m | 2,43 m |
| Nethoogte vrouwen | 1,05 m | 2,24 m |
| Net (regel 2.2) | 0,80 m breed, 6,5 tot 7 m lang | 1 m breed, 9,5 tot 10 m lang |
| Antenne (regel 2.4) | 1,60 m, waarvan 80 cm boven het net | 1,80 m, waarvan 80 cm boven het net |
| Bal (regel 3.1) | 65 tot 67 cm, 260 tot 280 g | Gelijk |
De nethoogte meet je in het midden van het veld; boven de zijlijnen moet hij even hoog zijn en mag hij hooguit 2 centimeter hoger hangen (regel 2.1). De palen staan 0,5 tot 1 meter buiten de zijlijnen en zijn maximaal 1,25 meter hoog (regel 2.5). Rondom het veld ligt een vrije zone van minstens 3 meter. Alle nethoogtes voor zaal, beach en jeugd staan in hoe hoog een volleybalnet hangt, en de lijnen van het zaalveld in de afmetingen van een volleybalveld.
De kernregel: zitten bij elk balcontact
Bij elke spelactie moet het deel van je lichaam tussen je billen en je schouders contact houden met de vloer (regel 9.4). Verlies je dat contact terwijl je de bal speelt, dan is dat een fout: in het Engels heet die lifting (regel 9.3.5). Je benen, voeten en handen tellen daarbij niet mee. Wat dat in de praktijk betekent:
- Verdedigen mag met even los. Speel je de bal in een verdedigende actie, als eerste, tweede of derde contact, en is de bal niet helemaal hoger dan de bovenkant van het net, dan mag je loskomen (regel 9.4).
- Kort loskomen buiten de bal mag. Je billen mogen overal in het veld kort van de vloer, behalve bij een aanval. Loskomen als reactie na je actie is ook toegestaan (regel 9.4).
- Aanvallen doe je zittend. Kom je los op het moment dat je de bal slaat, dan is je aanval fout (regel 13.3.4). Opkomen op je knieën telt daarbij als loskomen.
- Blokken mag met los, zolang je de bal niet raakt. Een blokkeerder die loskomt en de bal raakt, maakt een fout. Kom je los bij een blok zonder de bal te raken, dan is dat geen fout (regel 14.6.3).
- Opstaan en stappen is verboden. Je verplaatst je door te schuiven op je billen en handen. Opstaan, je lichaam opheffen of stappen zetten is een fout (regel 9.4); de definities achterin het reglement noemen ook het "lopen" op handen en voeten.
De posities worden ook vanuit zit bepaald: niet je voeten, maar je billen tellen. Een voorspeler moet met een deel van zijn billen dichter bij de middenlijn zitten dan de achterspeler achter hem, en een speler rechts dichter bij de rechterzijlijn dan de middelste speler van zijn rij (regel 7.4.3). Na de service mag iedereen overal zitten.
Fluit je voor het eerst een zitvolleybalwedstrijd, kijk dan naar de billen, niet naar de bal. De meeste discussies gaan over loskomen bij de aanval en bij het blok. Spreek vooraf met de aanvoerders af wat je fluit, en laat het natuurlijke opveren bij een verdediging gaan: dat staat het reglement toe.
Service, blok en aanval: hier wijkt het af
- De serveerder zit. Op het moment van de slag mogen je billen het veld en de vloer buiten de servicezone niet raken. Je voeten, benen en handen mogen wel in het veld of in de vrije zone liggen (regel 12.4.3). Kom je bij de service los, dan is het een servicefout (regel 12.6.1.3). Je hebt, net als in de zaal, 8 seconden na het fluitsignaal.
- Eén opgooi, met een uitzondering. Je gooit de bal één keer op of laat hem los. Alleen spelers met een geclassificeerde beperking aan de hand mogen serveren zonder de bal op te gooien (regel 12.4).
- Geen handen omhoog bij de service. Spelers van het serverende team mogen hun handen tot de slag niet boven hun hoofd steken, en achterspelers hun armen niet boven hun schouders (regel 12.5). Dat voorkomt een scherm.
- De service blokken mag. In de zaal is dat een fout, bij zitvolleybal is het toegestaan (regel 14.5). Je mag een service ook direct aanvallen (regel 13.1.4). Op een net van 1,15 meter is een blok op de service dus een echt wapen: een service die vlak over de netband gaat, kan een voorspeler van de tegenstander direct terugslaan. Serveerders kiezen daarom vaak een baan boven het bereik van de voorspelers, diep het veld in.
- Achterspelers en de aanvalslijn. Een achterspeler mag boven de netrand aanvallen als zijn billen bij de slag de aanvalslijn niet raken of erover zijn (regel 13.2.2). Na de slag mag hij naar voren schuiven.
Aan en onder het net
Omdat iedereen vlak bij het net zit, liggen de benen van beide teams vaak onder het net door. Dat mag: je mag met elk deel van je lichaam in het veld van de tegenstander komen, zolang je zijn spel niet hindert (regel 11.2). In de zaal moet een deel van je voet op of boven de middenlijn blijven. Het net raken is geen fout, tenzij je daarmee het spel hindert, bijvoorbeeld door de netband tussen de antennes te raken terwijl je de bal speelt, of door op het net te steunen (regel 11.3 en 11.4.4). Het net buiten de antennes raken is geen fout.
Wissels, time-outs en de libero
Elk team heeft per set twee time-outs en zes wissels (regel 15.1). Een time-out duurt 60 seconden, twee keer zo lang als in de zaal (regel 15.4). De wisselregels zijn verder gelijk: een basisspeler mag één keer per set uit en één keer terug op zijn eigen plek; zie de wisselregels. De libero vervangt een achterspeler, mag niet serveren, niet blokken en niet aanvallen boven de netrand, en heeft een shirt in een andere kleur (regel 19). Spelers mogen zonder schoenen spelen, maar niet zitten op dik materiaal of in speciaal verdikte broeken.
Voor jeugd geeft World ParaVolley een eigen jeugdreglement uit, en nationale bonden kunnen voor hun competities afwijken. De volledige tekst staat bij de reglementen van World ParaVolley. Hoe je zitvolleybal traint, ook als variatie voor een zaalteam, staat in zitvolleybal oefeningen.
Een zitvolleybalwedstrijd bijhouden in Koach
Koach is gemaakt voor zaalvolleybal, en daarom past het live scoren ook bij zitvolleybal: de telling tot 25, de vijfde set tot 15, de rotatie en de servicevolgorde zijn gelijk, en de tellers staan op twee time-outs en zes wissels per set. Een aparte zitvolleybalmodus is er niet, en de app weet niet of iemand loskwam. Wordt er gefloten voor loskomen, dan kies je bij het punt van de tegenstander Andere fout en de speler. Na afloop zie je per speler de punten en fouten, net als bij een zaalwedstrijd.
14 dagen gratis, zonder creditcard. Zet je zitvolleybalteam erin en scoor je volgende wedstrijd live mee.
Probeer Koach met je teamWat Koach na de proefperiode kost, staat op de prijzenpagina.
Veelgestelde vragen
Hoe hoog is het net bij zitvolleybal?
Volgens het reglement van World ParaVolley hangt het net op 1,15 meter voor mannen en 1,05 meter voor vrouwen, gemeten in het midden van het veld. Boven de zijlijnen moet het even hoog zijn en mag het hooguit 2 centimeter hoger hangen. Het net is 80 centimeter breed, en de antennes steken 80 centimeter boven de netband uit.
Mag je bij zitvolleybal de service blokken?
Ja. Anders dan in de zaal mag je bij zitvolleybal een service blokken en ook direct aanvallen. Door het lage net is dat een echte bedreiging voor de serveerder. Een blokkeerder moet daarbij wel zitten blijven als hij de bal raakt: loskomen van de vloer terwijl je de bal blokt, is een fout.
Wie mag zitvolleybal spelen?
In internationale wedstrijden alleen spelers met een lichamelijke beperking die een classificatie hebben doorlopen, in de sportklasse VS1 of VS2. Per team mogen er twee VS2-spelers op het formulier staan en één tegelijk in het veld. Voor nationale en recreatieve competities bepaalt de bond van je land de regels; in een aantal landen spelen daar ook mensen zonder beperking mee.
Mag je bij zitvolleybal even loskomen van de grond?
Soms. Je billen mogen kort van de vloer, behalve bij een aanval, en bij een verdedigende actie op een bal die niet helemaal boven het net is, mag je loskomen. Bij de service, bij een aanval en bij een blok waarin je de bal raakt, moet het deel tussen billen en schouders de vloer raken. Opstaan of stappen zetten is altijd een fout.
Scoor je volgende zitvolleybalwedstrijd mee
14 dagen gratis, zonder creditcard. Na één wedstrijd zie je wie er scoorde.
Start met KoachOf lees eerst wat de volleybal app voor coaches allemaal doet.


