Open de app

Volleybaloefeningen · Serveren · Passen

Servicebom en passen

Zes serveerders aan de ene kant, een volledige receptie aan de andere: de ballen komen sneller binnen dan een team gewend is. Dat is de bedoeling — de passers krijgen hier in tien minuten meer harde services te verwerken dan in drie wedstrijden. De spelverdeler vangt elke bal en rolt hem terug, zodat het tempo bij de serveerders ligt.

12 spelers 8 fases ± 20 min 6 ballen, heel veld met net Vanaf de B-jeugd
P1 L P2 M1 S M2 1 2 3 4 5 6

Fase 1 van 8Vijf passers en de spelverdeler aan het net; zes serveerders klaar

Ontvangend team (P = passer, L = libero, M = midden, S = spelverdeler) Zes serveerders Bal

Deze animatie komt uit de Koach-app. Daar speel je hem af op eigen snelheid en geef je de spelers je échte spelersnamen.

Openen in de app

Zo verloopt de oefening

Waar train je op

Zes serveerders slaan om beurten in; zes passers vangen de service en spelen naar de spelverdeler.

Coachpunten

Tegen een harde bal doe je minder, niet meer.

De snelheid zit al in de bal. Een passer die uithaalt stuurt hem het plafond in; het platform hoort stil te staan en alleen de hoek te bepalen.

Sta klaar op het moment dat de serveerder de bal raakt, niet als hij onderweg is.

Bij een harde service is er daarna geen tijd meer om te stappen. Voeten op schouderbreedte en het gewicht op de voorvoet, vóór het contact aan de overkant.

Serveerders: vol doorslaan mag, maar de bal moet in het veld.

Een vorm waarin de helft van de ballen buiten valt is voor de passers waardeloos. Spreek af dat er op tachtig procent geserveerd wordt en dat het percentage meetelt.

Wissel de passers vaker dan je zou denken.

Bij zware ballen zakt de kwaliteit na een stuk of tien merkbaar. Doorgaan tot het echt slecht wordt, traint alleen maar slechte techniek.

Variaties

Makkelijker
De serveerders slaan op halve kracht en mikken op de romp van de passer. Zodra de eerste ballen goed lopen, gaat de kracht per ronde een stap omhoog.
Moeilijker
De pass moet landen in een vak van twee bij twee meter naast de spelverdeler. Alles daarbuiten telt niet, ook als de bal netjes gered is.
Met acht spelers
Vier serveerders en drie passers met een spelverdeler. Met drie passers zijn de vakken zo breed dat elke bal een keuze wordt.
Als wedstrijdje
De serveerders spelen tegen de passers: een ace of onspeelbare bal is een punt voor de serveerders, een zetbare pass een punt voor de receptie. Bij tien wisselen de groepen van kant.

Volleybaloefeningen

Verder lezen in de kennisbank: passen onder oplopende druk · het platform waarmee elke rally begint · toch een speelbare bal geven na een matige pass

200 oefeningen in je broekzak, met animatie

Gratis proberen