Voordelen van volleybal: wat de sport je kind en jou oplevert
Het korte antwoord
De voordelen van volleybal: het is matig tot zwaar bewegen met veel springen, wat goed is voor conditie en botten, het leert samenwerken omdat je de bal niet twee keer achter elkaar mag spelen, en er zijn geen duels met de tegenstander. Je kunt het op elke leeftijd spelen.
De voordelen van volleybal lijken voor de hand te liggen: je beweegt en je zit in een team. Maar wat levert het precies op, voor een kind van negen en voor een ouder die zelf wil beginnen, en hoe zit het met blessures? Dit is wat er bekend is, met de bronnen erbij, en waar volleybal minder goed in is.
Wat volleybal je lichaam oplevert
Hoe zwaar volleybal is, hangt af van hoe je speelt. Het Compendium of Physical Activities, de lijst waarin onderzoekers het energieverbruik van activiteiten vastleggen, geeft recreatief volleybal 3 MET, wedstrijdvolleybal in de zaal 6 MET en beachvolleybal 8 MET (Compendium of Physical Activities, sporten). Eén MET is wat je in rust verbruikt. De WHO noemt 3 tot 6 MET matig intensief en 6 MET of meer zwaar (WHO-richtlijnen 2020, Bull en collega's). Recreatief spelen is dus matig bewegen, een wedstrijd in de zaal of een partij op het zand is zwaar. Wat dat aan energie kost, staat in hoeveel calorieën je verbrandt met volleybal.
Voor kinderen en jongeren van 5 tot 17 jaar adviseert de WHO in dezelfde richtlijn gemiddeld minstens 60 minuten per dag matig tot zwaar bewegen, en op minstens drie dagen per week zwaar bewegen en activiteiten die spieren en botten versterken. Volleybal, met zijn sprongen en landingen, hoort bij die laatste groep: het Amerikaanse National Heart, Lung, and Blood Institute noemt volleybal als voorbeeld van botversterkend bewegen voor kinderen van 6 tot 17 jaar (NHLBI over bewegen).
Eén kanttekening: een training is geen uur aan één stuk bewegen. Je wacht op je beurt, luistert naar uitleg en drinkt. Twee trainingen en een wedstrijd per week leveren een flink deel van wat een kind nodig heeft, maar niet alles. Fietsen naar school en buiten spelen blijven nodig.
Daarnaast traint volleybal iets wat je niet in MET uitdrukt: reageren op een bal die snel van richting verandert, inschatten waar hij landt, en springen en landen met controle. Omdat de bal niet mag stuiten, moet je bij elk contact vooruit denken.
Wat volleybal een kind leert naast bewegen
Volleybal is een teamsport waarin je in je eentje niets wint. Een speler mag de bal niet twee keer achter elkaar spelen (een blok niet meegerekend), dus elke aanval begint met een pass van de een en een set van de ander. Een kind dat de bal wil, moet roepen; wie niet roept, ziet de bal tussen twee spelers in vallen. Samenwerken en praten zijn geen bijzaak, maar de manier waarop het spel werkt.
Elke rally eindigt met een punt, en vaak met een fout. Een kind maakt er op elke training veel, en de volgende rally begint gewoon opnieuw. Wie leert om na een fout de volgende bal weer te willen, heeft daar ook buiten de zaal wat aan.
Onderzoek ondersteunt dat beeld, met een slag om de arm. Een systematische review van Eime en collega's (2013) vond bij kinderen en jongeren die sporten vaker een beter zelfbeeld, meer sociale interactie en minder depressieve klachten, en bij teamsporten sterker dan bij individuele activiteiten. De meeste studies laten een samenhang zien, geen oorzaak: kinderen die zich al goed voelen, gaan misschien ook eerder sporten.
Hoe veilig is volleybal?
Volleybal heeft een groot verschil met voetbal, hockey of basketbal: het net scheidt de ploegen. Er zijn geen duels, tackles of sliding om de bal. Contact met een tegenstander ontstaat vooral onder het net, als een speler na een blok of aanval landt op de voet van een ander.
Dat betekent niet dat er niets gebeurt. Een systematische review van het volleybalonderzoek (Kilic en collega's, 2017) vond dat enkel, knie en schouder de plekken zijn waar volleyballers het vaakst geblesseerd raken, en dat preventieve maatregelen voor enkel- en knieklachten werken. Bij kinderen in de groei komt daar overbelasting rond de knie bij, als het aantal sprongen te snel omhooggaat. Een goede trainer bouwt de sprongen op en leert kinderen landen; hoe dat eruitziet, staat in blessures voorkomen in volleybal.
Houdt een klacht aan of is de pijn hevig, ga dan naar een huisarts, sportarts of fysiotherapeut. Doorspelen omdat het team je nodig heeft, maakt een kleine klacht vaak een lange.
Ook voor volwassenen, en ook als je later begint
Voor volwassenen adviseert de WHO in dezelfde richtlijn per week 150 tot 300 minuten matig intensief bewegen, of 75 tot 150 minuten zwaar, en voor 65-plussers daarnaast op minstens drie dagen per week oefeningen voor balans en kracht (Bull en collega's, 2020). Een avond recreatief volleybal en een training bij een club leveren daar een flink deel van, met een sociaal leven erbij dat je bij de sportschool niet krijgt.
Volleybal kun je op elk niveau spelen: recreatief, in een competitie, op het zand of in een gemengd team. Wie er als volwassene mee begint, leest in volleybal beginnen als volwassene hoe je dat aanpakt. Wat er na je vijftigste verandert aan belasting en spelvormen, staat in volleybal voor ouderen.
Waar volleybal minder goed in is
- Wachten. In een slecht georganiseerde training staan kinderen meer in de rij dan dat ze spelen, en dan blijft er van alle voordelen weinig over. Hoe een goede training er per leeftijd uitziet, staat in jeugdvolleybal trainen per leeftijd.
- Een moeilijk begin. Omdat de bal niet mag stuiten, duurt het lang voordat jonge kinderen een echte rally spelen. Clubs lossen dat op met gooien en vangen, kleine veldjes en lichte ballen. Vanaf wanneer dat kan, lees je in vanaf welke leeftijd een kind kan volleyballen.
- Kort en explosief. Volleybal bestaat uit korte rally's met pauzes ertussen. Voor uithoudingsvermogen over langere tijd zijn lopen, fietsen of zwemmen ernaast een goede aanvulling.
- Een zaalsport met vaste tijden. Je bent afhankelijk van zaaluren en een team. Wie flexibel wil sporten, combineert de club met recreatief spelen of beachvolleybal in de zomer.
Vraag naar plezier, niet naar de uitslag. Vraag je kind na een training niet of ze gewonnen hebben, maar wat het leukste spel was. Kinderen die een sport leuk vinden, blijven, en blijven is de voorwaarde voor alles wat in dit artikel staat.
Als ouder het overzicht houden
Bij een team dat met Koach werkt, krijg je als ouder een eigen account. Je betaalt daar niets voor: het valt onder het abonnement van het team. Op je dashboard staat de volgende afspraak, en daar meld je je kind aan of af met Komt of Komt niet. Onder Aanmeldingen staan de wedstrijden die nog op een antwoord wachten, en bij Jouw taken zie je een dienst die je voor de club draait, zoals de bardienst. In de agenda vind je alles voor de komende weken.
Ben je zelf trainer, of word je het: in Koach plan je trainingen, houd je de aanwezigheid bij en volg je hoe spelers zich ontwikkelen. Je probeert het 14 dagen gratis; wat het daarna kost, staat op de prijzenpagina.
14 dagen gratis, zonder creditcard. Train je zelf een team? Zet het er vanavond in en nodig spelers en ouders uit met een link.
Probeer Koach met je teamVeelgestelde vragen
Is volleybal goed voor kinderen?
Ja, mits de training bij hun leeftijd past. Volleybal is matig tot zwaar bewegen met veel springen en landen, wat de WHO-richtlijnen voor kinderen aanraden, en het is een teamsport zonder duels met de tegenstander. Een overzichtsstudie (Eime en collega's, 2013) vond bij sportende kinderen vaker een beter zelfbeeld en meer sociale interactie. Let wel op een training met kleine groepen en veel balcontact.
Is volleybal een blessuregevoelige sport?
Het net scheidt de ploegen, dus duels en botsingen zoals in voetbal of hockey zijn er niet. Blessures zitten volgens een overzichtsstudie (Kilic en collega's, 2017) vooral aan enkel, knie en schouder, vaak door een landing onder het net of door te snel meer sprongen. Preventie met landingstechniek en een goede opbouw helpt. Houdt een klacht aan, ga dan naar een huisarts, sportarts of fysiotherapeut.
Krijgt mijn kind genoeg beweging van volleybal?
Een deel, niet alles. De WHO adviseert kinderen gemiddeld 60 minuten per dag matig tot zwaar bewegen. Een training van anderhalf uur bevat ook wachten, uitleg en drinkpauzes, dus twee trainingen en een wedstrijd per week dekken die norm niet helemaal. Fietsen, lopen en buiten spelen blijven nodig.
Kun je als volwassene nog met volleybal beginnen?
Ja. Veel clubs hebben recreantenteams waar je zonder ervaring instapt, en de techniek leer je op elke leeftijd. Bouw de belasting rustig op, want springen en landen vragen iets van knieën en enkels die het niet gewend zijn. Heb je klachten aan hart, rug of gewrichten, overleg dan eerst met je huisarts.
Train je zelf een team?
14 dagen gratis, zonder creditcard. Ouders melden hun kind zelf aan, jij houdt het overzicht.
Start met KoachOf lees eerst wat de volleybal app voor coaches allemaal doet.


